
![]() |
SPECTRUM-NStandaard voor collectiemanagement in museaVersie 1.0 |
![]() |
Tot stand gekomen in een samenwerkingsproject van de Nederlandse en Vlaamse museumgemeenschap |
||
Wettelijk Depot D/2008/11.524/3
Verantwoordelijke uitgever Copyright FARO en LCM
Alle rechten voorbehouden. Behoudens de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd,
opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, op welke wijze ook, zonder de voorafgaande en schriftelijke
toestemming van de uitgever.
Verantwoordelijke uitgever Copyright Collections Trust (voorheen MDA)
Het niet-commerciële gebruik van SPECTRUM-N wordt beheerd door een standaard gebruikerslicentie. De tekst van deze (Engelstalige)
User Licence is te lezen op de website van MDA (http://www.mda.org.uk).
Voor commercieel gebruik, neem contact op met Collections Trust.
Every effort has been made to ensure that the information provided in this publication is accurate. However, the publishers and the editors make no guarantees for the currency and accuracy of information and cannot accept any legal responsibility or liability for any errors or omissions from the publication or the consequences thereof.Collections have a unique ability to connect people to a real, tangible sense of their heritage. More than this, they are an active and vital resource, capable of supporting research, scholarship and many other forms of innovation and development.
It is the responsibility of cultural organisations to balance the needs of access and preservation to ensure that these invaluable resources continue to be as useful to future generations as they are to ours. For more than a decade, SPECTRUM has stood as a shared statement by museum professionals of how this balance can best be achieved.
This edition of SPECTRUM for the Netherlands and Flanders is remarkable in many ways. It owes its existence to the passion and perseverance of a small and highly committed group of people, all of whom believe in the power of standards to deliver better services for museum, archive and library users.
Standards play a powerful role in the development of cultural services. They help us to ensure that our services are publicly accountable. They make our work more effective and sustainable. They improve the quality and consistency of services to the public, and they help to ensure that our collections are genuinely and meaningfully accessible.
This edition of SPECTRUM represents a common commitment to excellence and improvement for museums and other collecting organisations across the Netherlands, Flanders and the UK.
The development of an international network of SPECTRUM-users represents everything that is best about standards. It comes from a spirit of openness and collaboration – the understanding that knowledge is at its most valuable when it is shared.
The national versions of SPECTRUM will remain linked, providing a lasting connection between the cultural professions in our three countries. This link is profound and important – it means that we will learn and develop together in the years ahead, enabling us to connect to a far larger community of people working with - and passionate about - collections.
SPECTRUM belongs to the sector, and it is the privilege of the Collections Trust (formerly MDA) and our colleagues at FARO and Landelijk Contact van Museumconsulenten (LCM) to be responsible for maintaining it and ensuring that it continues to develop in the future.
My thanks in particular go to the following people, without whom this edition of SPECTRUM would never have existed:
Thanks also to the many other people who have been involved in developing, piloting, translating and publishing the standard over the past two years!
Wherever we work, if we’re using SPECTRUM, we are working together.
Nick Poole
Chief Executive
The Collections Trust, UK
De stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten en FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw zijn verheugd deze eerste versie van SPECTRUM-N te kunnen presenteren en hopen dat dit handboek, net als in het Verenigd Koninkrijk, vele musea van nut zal zijn bij het optimaliseren van het collectiemanagement.
LCM en FARO willen hier volgende personen en organisaties, die zich hebben ingezet voor deze vertaling, graag bedanken en onze bijzondere erkentelijkheid overmaken.
Het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Agentschap Kunsten en Erfgoed – Afdeling Erfgoed, investeerde enkele jaren geleden in de vertaling van SPECTRUM 2.0. Hieruit is de huidige vertaling van de herwerkte Engelse versie SPECTRUM 3.1 in 2007 opgestart en verder ontwikkeld in een eerste Nederlandstalige versie SPECTRUM-N 1.0. Het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap stuurde tevens de opvolging van de juridische invulling voor Vlaanderen in SPECTRUM-N.
De Nederlandse Erfgoedinspectie heeft het initiatief tot vertaling ondersteund en middelen vrijgemaakt om deze vertaling tot een goed einde te brengen. Een speciaal woord van dank gaat naar Charlotte van Rappard-Boon en Wilbert Helmus, die vanuit de Erfgoedinspectie een grote bijdrage hebben geleverd aan het project.
De juristen hebben vanuit hun expertise op het vlak van erfgoed en recht, alle juridische materie van SPECTRUM aangepast aan de Nederlandse en Vlaamse/Belgische situatie: Kees Schoemaker, Rijksmuseum Amsterdam; Mariska de Wit, artt.; en Lucie Lambrecht, advocaat aan de Balie van Brussel.
Miriam Windhausen, Over kunst en design, trad op als tekstcorrector.
Het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde te Gent (KANTL) heeft de definitieve tekst samen met de Engelse tekst in XML gezet, teneinde de duurzaamheid van de vertaling te garanderen. Onze dank gaat hierbij naar Ron Van den Branden en Edward Vanhoutte.
Verschillende medewerkers van musea in Nederland en Vlaanderen hebben de vertaling van procedures in wording doorgenomen en becommentarieerd en/of nemen deel aan het piloottraject en toetsen de werking van SPECTRUM-N binnen hun organisatie. Een overzicht van de medewerkers vindt u na dit Dankwoord.
De Sectie Informatieverzorging Musea in Nederland (SIMIN) van de Nederlandse Museumvereniging, heeft het initiatief tot vertaling ondersteund en verschillende bijeenkomsten rondom Spectrum georganiseerd.
De medewerkers van FARO (voorheen Culturele Biografie Vlaanderen vzw) en LCM hebben met groot enthousiasme aan het project gewerkt, in het bijzonder Steven Leman, Marianne de Rijke, Leon Smets, Tine Verhaert en tenslotte Bram Wiercx, die de technische begeleiding voor zijn rekening nam.
De belangrijkste inhoudelijke bijdrage werd natuurlijk geleverd door de redactie: Gerdie Borghuis, Reinwardt Academie Amsterdam; Yolande Deckers, Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen; Annette Gaalman, Erfgoed Brabant i.o.; Griet Lebeer, FARO; Charlotte van Rappard-Boon, Erfgoedinspectie; Mieke Van Doorselaer, Provincie Oost-Vlaanderen; Henk Vanstappen, Musea Stad Antwerpen; Cindy Zalm, Amsterdams Historisch Museum. Dankzij de redactie is SPECTRUM-N een handboek geworden, dat volledig toegesneden is op de Nederlandse en Vlaamse situatie. Een speciaal woord van dank voor Annette Gaalman en Griet Lebeer, die respectievelijk als voorzitter en secretaris van de redactie zijn opgetreden.
Last but not least gaat onze dank uit naar Collections Trust (voorheen MDA), die de Engelse versie 3.1 ter beschikking heeft gesteld en collegiale medewerking heeft verleend aan het vertaalproces.
LCM en FARO hopen dat de inspanningen van bovengenoemde personen en organisaties de aanzet geven tot een bloeiend SPECTRUM-gebruik in Nederland en Vlaanderen en dat een tweede editie gevoed zal worden door ervaringen van vele musea. Vanuit de dagelijkse praktijk zijn aanvullingen en verbeteringen welkom die SPECTRUM-N daarmee tot een nog beter instrument maken voor een goed collectiemanagement. Een aantal musea heeft al aangegeven graag met SPECTRUM-N aan de slag te gaan. Die musea vindt u in het overzicht hierna.
De bijgevoegde lijst geeft een alfabetisch overzicht van de medewerkers en hun organisatie bij het tot stand komen van SPECTRUM-N 1.0
| Naam | Organisatie |
| Aalbers, Florence | Rijksmuseum Amsterdam |
| Boekhorst, Guus | Audax Textielmuseum Tilburg |
| Borghuis, Gerdie | Reinwardt Academie Amsterdam |
| David, Johan | Museum voor Oudere Technieken Grimbergen |
| De Rijke, Marianne | Landschap Erfgoed Utrecht |
| De Wit, Mariska | artt. |
| Deckers, Yolande | Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen |
| Gaalman, Annette | Erfgoed Brabant i.o. |
| Geldhof, Patrieck | Nationaal Wielermuseum Roeselare |
| Harst-van den Berg, Mijke | Industrion Kerkrade |
| Hartogh, Else | Provinciaal Gallo-Romeins Museum Tongeren |
| Helmus, Wilbert | Erfgoedinspectie Nederland |
| Henny, Xenia | Rijksmuseum Amsterdam |
| Jager, Cathy | Rijksmuseum Amsterdam |
| Kersse, Steven | Musea Brugge |
| Lambrecht, Lucie | Advocaat aan de Balie van Brussel |
| Laureys, Marina | Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Ag. Kunsten en Erfgoed |
| Lebeer, Griet | FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw |
| Leman, Steven | Culturele Biografie Vlaanderen vzw |
| McKenna, Gordon | Collections Trust (voorheen MDA) |
| Peek, Marja | Instituut Collectie Nederland |
| Poole, Nick | Collections Trust (voorheen MDA) |
| Schoemaker, Kees | Rijksmuseum Amsterdam |
| Schreurs, Bert | FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw |
| Smets, Leon | FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw |
| Souvereyns, Geert | Vlaamse Kunstcollectie |
| Van Bree, Lieke | Stagiaire Culturele Biografie Vlaanderen vzw |
| Van den Branden, Ron | CTB (KANTL) Gent |
| Van Doorselaer, Mieke | Provincie Oost-Vlaanderen |
| Van Gent, Judith | Amsterdams Historisch Museum |
| Van Oosterwijk, Anne | Musea Brugge |
| Van Rappard-Boon, Charlotte | Erfgoedinspectie Nederland |
| Van Santen, Caroline | Zeeuws Museum Middelburg |
| Vanbrabant, Katrien | Museum voor Oudere Technieken Grimbergen |
| Vanhoutte, Edward | CTB (KANTL) Gent |
| Vanstappen, Henk | Musea stad Antwerpen |
| Verhaert, Tine | Culturele Biografie Vlaanderen vzw |
| Vugts, Agnes | Huis voor de Kunsten Limburg |
| Wiercx, Bram | FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw |
| Wijnen, Carla | Industrion Kerkrade |
| Windhausen, Miriam | Over kunst en design |
| Zalm, Cindy | Amsterdams Historisch Museum |
Amsterdams Historisch Museum
Audax Textielmuseum Tilburg
Fries Museum Leeuwarden
Het Muiderslot Muiden
Industrion Kerkrade
Koninklijk Instituut voor de Tropen Amsterdam
Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen
Legermuseum Delft
Musea Antwerpen
Musea Brugge
Museum aan de Stroom Antwerpen MAS
Museum Bronbeek Arnhem
Museum voor Hedendaagse Kunst Antwerpen MUHKA
Museum voor Oudere Technieken Grimbergen
Nationaal Wielermuseum Roeselare
Provinciaal Gallo-Romeins Museum Tongeren
Rijksmuseum Amsterdam
Van Gogh Museum Amsterdam
Vlaamse Kunstcollectie
Zeeuws Museum
Zuiderzeemuseum Enkhuizen
top'SPECTRUM: The UK Museum Documentation Standard' is een handboek voor musea waarin de wenselijk geachte praktijk ten aanzien van museale documentatie én museale bedrijfsvoering is uitgewerkt. Het bestaat uit eenentwintig procedures voor handelingen met museale objecten en de wijze waarop die gedocumenteerd moeten worden, waarbij de vast te leggen informatie zeer specifiek benoemd en toegelicht is.
SPECTRUM is een document in ontwikkeling, en het resultaat van een samenwerking tussen meer dan honderd professionals op het gebied van museale documentatie in musea in het Verenigd Koninkrijk. In 1991 is het werk begonnen om tot een gezamenlijke standaard te komen. Het werk werd gecoördineerd door MDA (voorheen Museum Documentation Association, vanaf 2008 Collections Trust) en naast de bijdragen uit de meer dan honderd musea, werden ook nog vele andere deskundigen geconsulteerd. Dit resulteerde in 1994 in de eerste uitgave van SPECTRUM, in 1997 in een tweede editie, in 2005 in een versie 3.0 en in maart 2007 in een versie 3.1.
SPECTRUM is uitgegaan van de behoeften op het vlak van de museale documentatie en heeft daarom ook de verwijzing naar documentatie in haar titel. Gedurende het werkproces is echter duidelijk geworden dat, om de standaard voor documentatie te definiëren, het nodig was het gehele collectiebeheer onder de loep te nemen. Van alle handelingen met museale objecten, zoals bijvoorbeeld binnenkomst, transport of afstoting, moet eerst de meest wenselijke praktijk in kaart gebracht zijn. Op basis daarvan kan dan de documentatiestandaard gedefinieerd worden. Bovendien bleek bij het gestructureerd beschrijven van deze handelingen met objecten het niet alleen zinvol om de bijbehorende documentatievereisten aan te geven, maar ook de vereisten met betrekking tot het museaal beleid. Zo werd SPECTRUM uiteindelijk veel meer dan een documentatiestandaard: het werd een standaard voor collectiemanagement. En dat is dan ook de ondertitel die – uiteraard met instemming van de Engelse collega's – de eerste Nederlandse vertaling meekrijgt: standaard voor collectiemanagement in musea.
Wanneer in musea problemen met de collectie aan het licht komen, van welke aard dan ook – van te laat ontdekte schimmeluitbraken in depots tot het niet meer kunnen traceren van objecten – ligt de oorzaak hiervan vaak in slecht collectiemanagement: taken en werkwijzen zijn niet duidelijk gedefinieerd en verdeeld, controles worden niet uitgevoerd, informatie wordt niet (centraal) vastgelegd. Te vaak nog nemen musea genoegen met een organisch gegroeide praktijk, waarin medewerkers elk naar eigen inzicht (een deel van) het collectiebeheer uitvoeren. Uiteraard kan dit zonder personeelswisselingen en met genoeg deskundigheid in huis jaren goed gaan, maar een dergelijke praktijk is zeer kwetsbaar en weinig duurzaam.
Voor het voeren van adequaat collectiemanagement is het noodzakelijk terug te kunnen vallen op schriftelijke afspraken over werkwijzen (een handboek), en op een up-to-date collectie-informatiesysteem, waarin of van waaruit alle informatie over elk object beschikbaar en toegankelijk is. Veel musea zijn al begonnen met het maken van een dergelijk handboek, dat vaak de vorm heeft van een ordner met richtlijnen voor verschillende handelingen met objecten, bijvoorbeeld inkomende en uitgaande bruiklenen, en de bijbehorende te gebruiken formulieren. Sommige zaken daarin kunnen heel specifiek voor dat ene museum gelden, maar de meeste zaken zijn algemeen toepasbaar. Vanuit de musea zelf kwam dan ook de vraag naar algemene richtlijnen, die als uitgangspunt genomen kunnen worden voor het eigen handboek voor collectiemanagement. Niet alleen spaart dat tijd in de ontwikkeling, er is ook een andere meerwaarde: door zoveel mogelijk dezelfde richtlijnen te hanteren, zal de uitwisseling van informatie tussen musea vergemakkelijken.
Aan die behoefte beantwoordt SPECTRUM. Alhoewel SPECTRUM een ingewikkeld acroniem is (Standard ProcEdures for CollecTions Recording Used in Museums), is de naam SPECTRUM ook gekozen vanwege de betekenis in ons dagelijks taalgebruik: reeks van verscheidenheden. SPECTRUM is zo samengesteld, dat in de uitwerking van de procedures en de informatie-eenheden gestreefd is naar volledigheid. Dit zorgt ervoor dat SPECTRUM niet slechts voor musea van een bepaald type of een bepaalde grootte geschikt is, maar dat elk museum, elke collectiebeherende organisatie, het als handboek kan gebruiken. Sommige musea zullen slechts enkele procedures, en daarvan nog uitsluitend de minimale standaard, nodig hebben, andere zullen alle procedures implementeren. En wanneer er al een eigen handboek voor collectiemanagement is samengesteld, kan SPECTRUM heel handig als toetssteen gebruikt worden: zijn er geen aspecten over het hoofd gezien? Zijn bepaalde zaken misschien efficiënter aan te pakken?
Een goed collectiemanagement is de basis voor een bloeiend bestaan van het museum. Een paar van de voordelen op een rij:
Al sinds er begin jaren zeventig meer aandacht kwam voor standaardisering van documentatie van museale objecten, nam Engeland daarin het voortouw. Het Nederlandse en Vlaamse museale veld, ook toen al vaak samen optrekkend – onder andere binnen CIDOC (Comité international pour la documentation, onderdeel van de International Council of Museums) – nam graag goede initiatieven over en zo werden bijvoorbeeld de door MDA ontwikkelde Historical Artefact Card en bijbehorende handleiding, in het Nederlands vertaald. De Nederlandse en Vlaamse praktijk maakte echter duidelijk dat voor veel musea de uitgebreide documentatie waar deze Historische Voorwerpkaart plaats voor bood, nog een brug te ver was. Daarom werd een verkorte versie van de kaart ontwikkeld, die de naam 'Basisregistratiekaart' ging dragen. Deze kaart op haar beurt, vond ook weer weerklank in Engeland. Het uitwisselen van good practices, tussen Engeland, Nederland en Vlaanderen heeft dus al een lange traditie.
Al snel na de publicatie van de eerste editie van SPECTRUM in 1994, werd in het museale documentatieveld in zowel Nederland als Vlaanderen de wens uitgesproken dit handboek te vertalen. Nederlandse en Vlaamse museummedewerkers raadpleegden de Engelse versie en zagen er de meerwaarde van, maar een op alle vlakken direct toepasbaar referentiekader bood deze toch niet. Niet alleen de taal vormde daarin een barrière, maar ook de verwijzingen naar uiteraard specifiek Engelse wet- en regelgeving. Een vertaling van SPECTRUM die ook rekening zou houden met de in Nederland en België van toepassing zijnde wet- en regelgeving zou hét handboek kunnen worden dat alle afzonderlijke richtlijnen, handleidingen en modellen samen zou kunnen brengen.
Ongeveer zeven jaar geleden werden zowel in Vlaanderen als in Nederland pogingen ondernomen om een Nederlandse vertaling te ontwikkelen. Het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap gaf zelfs al opdracht tot een eerste vertaling van de toen actuele versie (de tweede editie), maar kon geen volgende stap in dit traject zetten, omdat MDA nog geen standpunt had geformuleerd ten aanzien van het auteursrecht op SPECTRUM. [2] Toen Nick Poole in 2004 directeur werd van MDA maakte hij direct werk van de auteursrechtkwestie rond SPECTRUM. Vanaf dat moment werd het MDA-beleid dat SPECTRUM een product was dat door en voor het veld ontwikkeld was, en dus kosteloos ter beschikking zou zijn van alle non-profit organisaties. SPECTRUM werd gratis downloadbaar vanaf de MDA-website. Ten aanzien van vertalingen van SPECTRUM nam MDA hetzelfde standpunt in: vertalingen waren van harte welkom, en organisaties in andere landen, die dergelijke initiatieven wilden ontplooien konden op alle medewerking van MDA rekenen. Dat was het groene sein dat Nederland en Vlaanderen nodig hadden om samen de vertaling weer op te pakken.
topNa eerste initiatieven van de Nederlandse Museumvereniging verklaarden Culturele Biografie Vlaanderen vzw. Steunpunt voor archiefinstellingen, bewaarbibliotheken, documentatiecentra, erfgoedcellen en musea (CBV) - sinds 1 januari 2008 FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw (FARO) - en de Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten (LCM) in Nederland zich bereid om het vertaalproject uit te voeren en SPECTRUM na de projectfase te gaan beheren. Ook de Nederlandse Erfgoedinspectie en het Ministerie van de Vlaamse gemeenschap zegden hun medewerking aan het tot stand brengen van de vertaling toe, in het kader van hun stimulerende werkzaamheden op het gebied van kwaliteitszorg. Op 1 en 2 maart 2007 ondertekenden zowel CBV als LCM overeenkomsten met MDA over de vertaling van SPECTRUM, en CBV en LCM met elkaar over de onderlinge samenwerking daarin.
Voor het maken van de vertaling van SPECTRUM 3.1 werd de reeds bestaande vertaling van de tweede editie als uitgangspunt genomen. Deze werd herzien en bijgewerkt naar de actuele versie. We beschikten daarbij over de Engelstalige versie 3.1 waarin door MDA de passages die 'localisation' behoefden waren gemarkeerd. Een redactie van deskundigen uit Vlaanderen en Nederland, alsmede een aantal medewerkers uit musea en juristen uit beide landen, nam de Nederlandse vertaling in wording door en gaf commentaar. De volgende uitgangspunten zijn daarbij gehanteerd:
Natuurlijk kwam de redactie af en toe in de verleiding om verdergaande veranderingen door te voeren in de Engelse tekst. Soms vond de redactie de uitwerking van een procedure nogal beknopt in vergelijking met de wijze waarop andere procedures waren uitgediept. Ook leek het de redactie niet meer zo nodig om steeds zowel naar handmatige als naar geautomatiseerde informatiesystemen te verwijzen. Toch zijn deze bevindingen niet doorgevoerd in deze eerste Nederlandse vertaling, al zijn de opmerkingen wel genoteerd. Collections Trust (voorheen MDA) heeft aangegeven graag in gesprek te gaan over voorgestelde verbeteringen, zodat SPECTRUM ook werkelijk een document wordt dat gedragen wordt door museumprofessionals in meerdere landen. De redactie heeft het echter als haar taak gezien nu eerst een vertaling aan het Nederlandse en Vlaamse museale veld voor te leggen, die zeer dicht bij de inhoud van het Engelse document blijft. Het is aan het veld – op dezelfde manier zoals dat in het Verenigd Koninkrijk het geval is – om met wijzigings- en aanvullingsvoorstellen te komen, die dan zullen leiden tot een hernieuwde Nederlandstalige versie van SPECTRUM.
topIn het Verenigd Koninkrijk is de toepassing van SPECTRUM een van de eisen voor het Museum Accreditation Scheme. Van de procedures Inkomend object, Inkomende bruikleen, Verwerving, Standplaats en verplaatsing, Registratie en documentatie, Uitgaand object, Uitgaande bruikleen en Retrospectieve documentatie moeten de Britse musea tenminste de Minimumstandaard toepassen, om geaccrediteerd museum te kunnen worden. Het Nederlands Museumregister en de Vlaamse museale erkenning op basis van het Erfgoeddecreet van 2004 [3] zijn verwant aan het Britse systeem van accreditatie. Hoewel de toepassing van SPECTRUM in Nederland en Vlaanderen op dit moment niet verplicht is, is SPECTRUM een instrument dat in het traject naar erkenning goede ondersteuning biedt. In deze vertaling is uiteraard wel aangegeven welke criteria met betrekking tot de Nederlandse en Vlaamse accreditatie relevant zijn in de toepassing van een bepaalde procedure.
topSPECTRUM-N is een doorlopend proces. FARO en LCM zullen zich daarom niet alleen inspannen om SPECTRUM uit te dragen in het museale veld, maar ook om de voortdurende groei en ontwikkeling ervan te stimuleren en gestalte te geven. Wijzigings- en aanvullingsvoorstellen uit de museale praktijk zijn hiervoor de basis.
Indien u bij wilt dragen aan de ontwikkeling van SPECTRUM, raadpleeg dan de websites van FARO (www.faronet.be) en LCM (www.museumconsulenten.nl) voor nadere informatie.
topSPECTRUM bestaat uit twee delen:
1. 21 Procedures beschrijven de handelingen met objecten stap voor stap en de wijze waarop deze gedocumenteerd moeten worden.
2. Informatievereisten geven een gestructureerde opsomming van de informatie die vastgelegd moet worden om de procedures goed te kunnen uitvoeren.
Een glossarium gaat vooraf aan de procedures. Hierin worden vaktermen gedefinieerd en nader toegelicht binnen de context van SPECTRUM-N.
topSPECTRUM kan op velerlei wijzen toegepast worden. Het belangrijkste is dat SPECTRUM een naslagwerk is, een leidraad, die al naar gelang de vraag die men beantwoord wil zien, ter hand genomen wordt. De verschillende onderdelen kunnen onafhankelijk van elkaar gebruikt worden en per onderdeel kan bekeken worden hoe diepgaand men dit wil toepassen. De volgende voorbeelden geven aan hoe SPECTRUM gebruikt zou kunnen worden:
Gebruik SPECTRUM bij de evaluatie van specifieke onderdelen van procedures die in uw museum worden toegepast, zoals bijvoorbeeld het vastleggen van informatie over inkomende objecten, om te bezien of alle benodigde informatie op correcte wijze wordt opgenomen en terugvindbaar gemaakt. Zo niet, pas dan uw eigen procedurehandleiding en invulinstructies aan.
topDe Minimumstandaard, die onderdeel is van elke procedure in SPECTRUM, geeft aan welke zaken altijd in een concreet op het museum toegepaste procedurehandleiding moeten zijn opgenomen. De verdere uitwerking van de procedures, waarin elke mogelijk noodzakelijke stap is beschreven, kan gebruikt worden als checklist bij het schrijven van het eigen procedurehandboek.
topBepaal aan de hand van SPECTRUM welke informatie vastgelegd moet worden en geef aan op welke wijze dat in het door het museum gehanteerde systeem gedaan kan worden.
topGebruik de paragraaf 'Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?' die deel uitmaakt van elke procedure, als een checklist voor de vaststelling van het museaal beleid. Misschien zullen niet alle zaken ook daadwerkelijk in het eigen museum van toepassing zijn, maar het brengt wel duidelijk naar voren welke procedures in uw museum spaak kunnen lopen, wanneer ze niet ondersteund worden door beleid.
topEen object blijkt vermist te zijn – wie moet welke informatie over het object krijgen? Neem de procedure 'Verlies en schade' door en u weet wat u te doen staat.
topSPECTRUM is een statement of good practice van museum professionals. Dit maakt SPECTRUM zeer goed bruikbaar om directie of bestuur uit te kunnen leggen waarom tijd en middelen nodig zijn om bijvoorbeeld een depotcontrole uit te voeren, of voor het vastleggen van informatie.
topBij het opstellen van werkplannen is het nodig aan te kunnen geven welke doelen na een bepaalde periode bereikt moeten zijn. SPECTRUM biedt een goede leidraad bij het vaststellen van haalbare doelen en hun prioriteiten.
topWanneer het museum het collectie-informatiesysteem wil vernieuwen of uitbreiden, is SPECTRUM een uitstekende bron voor het vaststellen van de gewenste functionaliteit. Bovendien kan SPECTRUM van nut zijn om de leverancier van het systeem uw eisen en wensen nader toe te lichten.
topEen verantwoordelijke voor een bepaalde museale collectie moet vaststellen welke informatie vereist is als basale informatie over objecten in de collectie. SPECTRUM biedt een goed uitgangspunt voor het vaststellen van die noodzakelijke informatie.
topHet vastleggen van informatie en meningen over objecten afkomstig van eerdere eigenaren of publiek wordt steeds belangrijker. SPECTRUM geeft aan hoe deze informatie vastgelegd kan worden. De hiervoor te gebruiken informatie-eenheden zijn samengebracht in de informatiegroepen 'Bijdrage eigenaar object' en 'Bijdrage bezoeker object'.
topUw museum wil duidelijk maken dat het goed omgaat met financiële middelen en een hoge kwaliteit dienstverlening biedt. Een dergelijke dienstverlening kan alleen gerealiseerd worden wanneer het museum een adequaat collectiemanagement voert, zodat museale objecten vakkundig bewaard worden en informatie erover goed toegankelijk is. SPECTRUM is daarom als instrument voor collectiemanagement in musea tevens een kwaliteitsnorm voor die hoge-kwaliteit dienstverlening.
topInformatie is een verzameling data (gegevens) die zodanig gestructureerd is dat deze gebruikt kan worden door individuen en organisaties en gecommuniceerd kan worden met anderen.
Een collectie-informatiesysteem is samengesteld uit een aantal afzonderlijke informatiebronnen. Dit kunnen zijn:
De belangrijkste functie van een informatiesysteem is het waarborgen van de toegankelijkheid van alle informatiebronnen voor alle gebruikers.
Enkele richtlijnen die musea hierbij kunnen volgen:
Voor een duurzaam informatiemanagement zijn adequaat databeheer en zorgvuldige dataconservering, alsmede een goed functionerend systeem- en applicatiebeheer van groot belang. Werkzaamheden die hiertoe behoren zijn:
Bovenstaande taken kunnen door verschillende personen uitgevoerd worden, of voor een bepaalde informatiebron door één persoon. Het is echter van groot belang, dat de verantwoordelijkheid voor elk van deze taken is vastgelegd.
topBij papieren informatiebronnen houdt duurzaam informatiemanagement het volgende in:
Bij digitale informatiebronnen houdt duurzaam informatiemanagement het volgende in:
Bij deze informatiebronnen houdt duurzaam informatiemanagement het volgende in:
De informatiebronnen van een museum moeten op dezelfde wijze behandeld worden als de objecten in de collectie. Daarom moeten ook informatiebronnen een risicoanalyse ondergaan. Een calamiteitenplan moet ook procedures bevatten met betrekking tot risico’ s en veiligheid van de informatiebronnen. Zie 11 - Risicobeheer.
topHet glossarium licht de betekenis van de gebruikte termen toe binnen de context van SPECTRUM-N.
| Aanwinstenregister | Een register of lijst waarin aanwinsten of nieuw verkregen objecten in het museum worden vastgelegd. De aanwinsten of verwervingen zijn toegevoegd door aankoop, langdurige bruikleen, schenking (donatie of legaat), ruil of als resultaat van veldwerk. |
|---|---|
| Basisregistratie (zie Minimale registratie) |
www.museuminzicht.be
Naast de velden van de Minimale registratie wordt - volgens toelichtingen bij het Invulboek van het project MovE - het museale object nader geregistreerd aan de hand van de volgende extra velden met betrekking tot identificatie (beschrijving); vervaardiging/datering (vervaardiger, datering van, tot); fysieke kenmerken (materiaal, afmeting); toestand/conservering (toestand); verwerving (aankoopprijs, valuta (aankoopprijs)). |
| Bewaargever | Aanbieder van een object aan het museum voor verwerving, bruikleen, onderzoek, educatie, conservering en tentoonstelling. Het kan om de eigenaar gaan van het object of om een opdrachthouder of intermediair. |
| Bewaarplaats of depot | Voorkeurstermen voor definitieve/permanente opslagruimte in het museum ('de reserve'), in tegenstelling tot voorlopige opslagruimte waar objecten voorlopig kunnen bewaard worden tot verdere opvolging van het dossier. Het is de ruimte waar objecten zorgvuldig kunnen worden bewaard in afwachting van nader onderzoek of conserveringsbehandeling, of in afwachting van presentatie of opstelling in de tentoonstellingsruimten. |
| Bulkniveau | Term gebruikt om handelingen aan te duiden met collecties als geheel of in grote subgroepen van objecten, in tegenstelling tot handelingen met individuele objecten in een collectie. Afhankelijk van de situatie kan het gaan om een groter geheel van niet gedifferentieerde of niet geregistreerde objecten. |
| Calamiteitenplan | Een plan op organisatie- of instellingsniveau, waarin stapsgewijs beschreven is hoe gehandeld wordt in geval van een calamiteit of rampzalige gebeurtenis (zoals brand, ongeval, noodweer, inbraak) die op plaatselijke schaal plaatsvindt. |
| Catalogus | Een uitgebreide, op het publiek gerichte collectie- of tentoonstellingsbeschrijving, in boekvorm of in digitale vorm. |
| Collectiebeleid | Het beleid dat een museale instelling voert over het geheel van activiteiten met betrekking tot de collectie in het museum. Het collectiebeleid wordt opgemaakt in een collectieplan dat de grondslag vormt voor het museumbeleid. Hiertoe behoort ook een gefundeerd verzamelbeleid. In het collectieplan (of colletiebeleidsplan) zijn de volgende elementen opgenomen om een goed museaal functioneren in kaart te brengen: oorsprong, omschrijving en samenstelling van de collectie (inclusief juridische status van de collectie en het belang van de collectie); het toekomstige verzamel-, aankoop- en afstotingsbeleid; het beleid met betrekking tot registratie, documentatie, onderzoek, behoud en toegankelijkheid van de collectie. |
| Collectie-informatiesysteem (CIS) | Voorkeursterm voor het geautomatiseerde registratie- en/of documentatiesysteem waarin alle beschikbare informatie met betrekking tot de collectie(s) en objecten en de bijbehorende documenten, verzameld is en geordend, gedocumenteerd en toegankelijk wordt gemaakt. Deze kennisinformatie wordt permanent bijgewerkt na onderzoek. Hierin wordt het proces en de geschiedenis van het object binnen het museum opgevolgd. |
| Conditiebeschrijving | Uitgebreide beschrijving van de fysieke toestand of conditie van een object op een bepaald moment; uitgevoerd voordat het object voor bijvoorbeeld bruikleen op transport gaat. De conditiebeschrijving wordt ook opgenomen in, of is gelinked aan het collectie-informatiesysteem, als noodzakelijke controle in de gebruiksgeschiedenis van het object. |
| Conservator-restaurator | De specialist die conserverende handelingen (actieve en preventieve) uitvoert of die de opstelling van museumobjecten opvolgt. Deze tweevoudige benaming wordt bij voorkeur gebruikt om verwarring te vermijden tussen de Engelstalige term conservator (diegene die conserverende handelingen uitvoert) en de Nederlandse term conservator (de museumdirecteur of afdelingsverantwoordelijke). De enkelvoudige term restaurator verwijst teveel naar restauratie-ingrepen om ook die handelingen te dekken die alleen preventief zijn. In meer algemene context van het conserveringsbeleid wordt een onderscheid gemaakt tussen de verantwoordelijke (beslissingsbevoegdheid) en de uitvoerder van de conserverende handelingen (bij voorkeur de conservator-restaurator). |
| Curator | De verantwoordelijke in het museum voor het beleid van een (deel)verzameling of voor de inrichting van een tentoonstelling. Hier kan in het Nederlandse taalgebied ook de gangbare term conservator gebruikt worden. Het kan gaan om de museumdirecteur, afdelingsverantwoordelijke of tentoonstellingsverantwoordelijke, niet te verwarren met de Engelse betekenis van conservator. |
| Depot of bewaarplaats | Voorkeurstermen voor definitieve/permanente opslagruimte in het museum ('de reserve'), in tegenstelling tot voorlopige opslagruimte waar objecten voorlopig kunnen bewaard worden tot verdere opvolging van het dossier. Het is de ruimte waar objecten zorgvuldig kunnen worden bewaard in afwachting van nader onderzoek of conserveringsbehandeling, of in afwachting van presentatie of opstelling in de tentoonstellingsruimten. |
| Documentatiesysteem | Het vroegere handmatige steekkaartencatalogussysteem, dat in de meeste musea vandaag in een aangepast en uitgebreid geautomatiseerd bestand, het registratie- en/of documentatiesysteem is opgeslagen. Hierin wordt alle beschikbare informatie verzameld, geordend en toegankelijk gemaakt over gegevens ontleend aan objecten en gerelateerde documenten. SPECTRUM-N gebruikt de voorkeursterm collectie-informatiesysteem (CIS). |
| Due diligence of zorgvuldigheidsprincipe | Engelse juridische eis uit de bedrijfswereld, die 'vereiste zorgvuldigheid, na nauwkeurig en verantwoord onderzoek' betekent. Volgens de ethische code van ICOM gaat het over de verplichting om alles in het werk te stellen om de feiten per geval vast te stellen, alvorens tot een bepaalde handelwijze wordt besloten, met name de identificatie van de herkomst en de eigendomsgeschiedenis van een object dat voor aanschaf of gebruik wordt aangeboden, voordat dit als zodanig wordt aanvaard. |
| Erfgoeddecreet |
www.wvg.vlaanderen.be/erfgoed
Decreet van 7 mei 2004 houdende de organisatie en subsidiëring van een cultureel-erfgoedbeleid (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 9 juli 2004) met bijhorend het Besluit van de Vlaamse Regering van 14 januari 2005 ter uitvoering van het Erfgoeddecreet van 7 mei 2004 voor wat betreft de musea, de cultureel-erfgoedpublicaties en de projecten cultureel erfgoed (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 12 mei 2005). Het erfgoeddecreet is een gemeenschapsaangelegenheid en voorziet in de erkenning en subsidiëring van musea in Vlaanderen. Met dit decreet wil de Vlaamse Gemeenschap een cultureel-erfgoedbeleid uitbouwen dat vanuit een geïntegreerde aanpak een kwaliteitsvolle en duurzame zorg voor en de ontsluiting van het cultureel erfgoed stimuleert. Voor de museale erkenning in Vlaanderen is in deze eerste versie van SPECTRUM-N uitgegaan van de tekst van het Erfgoeddecreet van 2004. Een nieuw Cultureel-erfgoeddecreet (decreet houdende de ontwikkeling, de organisatie en de subsidiëring van het Vlaams cultureel-erfgoedbeleid, waarin het Decreet op de Volkscultuur van 1998, het Archiefdecreet van 2002, en het Erfgoeddecreet van 2004 zijn geïntegreerd) is momenteel in voorbereiding. Tijdens het ter perse gaan van SPECTRUM-N kwam de tekst ter beschikking van de principiële goedkeuring door de Vlaamse regering van het voorontwerp van dit decreet. |
| Faciliteitenrapport | Een rapport dat wordt opgemaakt door de bruikleennemer met gedetailleerde informatie over de tentoonstellingsruimte, de bewaaromstandigheden en de wijze van presenteren voor de bruikleenaanvraag. Het gaat dieper in op de klimatologische en fysische omstandigheden waarin het object terecht zal komen. |
| Gebruikscollectie | Ook rekwisietencollectie of educatieve collectie genoemd. Objecten die gebruikt mogen worden, aangeraakt, hersteld en weggegooid als 'gewone' gebruiksvoorwerpen; de objecten maken geen deel uit van de geregistreerde museumcollectie. De gebruikscollectie is onderdeel van de steuncollectie. |
| Housekeeping | Aan de National Trust ontleende term waarmee bedoeld wordt het regelmatige onderhoud (stoffen, stofzuigen) en het op orde houden van de museale ruimte en de objecten daarin. |
| Inkomstformulier | Een formulier dat wordt opgemaakt bij binnenkomst van een object in het museum en waarin het object volgens een uniek nummer beschreven wordt aan de hand van de aanwezige kerninformatie. Synoniem voor record inkomend object. SPECTRUM-N geeft de voorkeur aan het gebruik van een inkomst- en vertrekformulier tegenover het register van inkomende en uitgaande objecten/stukken. |
| Inventarisinformatie | De informatie die vereist is bij Minimale registratie voor alle objecten in het museum of groepen van objecten, ongeacht of ze tot de vaste of de steuncollectie behoren. |
| Kerninformatie | De informatie die nodig is voor het kunnen afleggen van verantwoording voor ieder object op ieder moment, zie Minimale registratie. |
| Label/labeling | Aanbrengen van een kaartje in verantwoord materiaal (lichtecht en duurzaam, bijvoorbeeld melinex) met notitie van het objectnummer. Het is bij voorkeur met een ongebleekt katoenen draad onlosmakelijk aan het object bevestigd. Een label wordt gebruikt wanneer het onmogelijk is het object op een verantwoorde wijze fysiek te nummeren of wanneer het object een tijdelijk nummer krijgt. Zie Voor verdere informatie. |
| Minimale registratie (zie Basisregistratie) |
www.museuminzicht.be
Volgens toelichtingen bij het Invulboek van het project MovE wordt het museale object geregistreerd aan de hand van acht velden met betrekking tot identificatie (instellingsnaam, objectnummer, objectnaam, titel); verwerving (datum, methode, van); standplaats (huidige standplaats). In Nederland maakt het veld titelgeen deel uit van de eisen voor Minimale registratie. |
| Museumregister |
www.museumvereniging.nl
Lijst van musea in Nederland die volgens vastgestelde professionele normen werken en museaal erkend zijn. Het reglement staat genoteerd op de website van de Nederlandse Museumvereniging. |
| Nummering | Fysiek markeren of aanbrengen van het objectnummer op het object volgens het principe van reversibiliteit, en wel op die wijze dat het niet accidenteel verwijderd kan worden, zie Voor verdere informatie. |
| Objectnummer | Het vroegere inventarisnummer, het unieke nummer dat op het object staat of door middel van een label aan het object is aangehecht, ter vaststelling van de identiteit en ter verwijzing naar de beschrijving van dat object in het collectie-informatiesysteem. |
| (Object)record | Een record of digitale gegevenskaart van het object in het collectie-informatiesysteem. Een documentbeschrijving is opgebouwd uit meerdere velden. |
| Ontvangstbewijs | Schriftelijk bewijs dat de aanbieder van een object ontvangt van het museum bij afgifte van een object en waarin kerninformatie omtrent het aangebodene is vastgelegd. |
| Opslagruimte | Voorlopige opslagplaats in het museum waar objecten voorlopig kunnen bewaard worden tot verdere opvolging van het dossier. |
| Quarantaineruimte | Ruimte bij het depot waar onderzoek en observatie van nieuw binnengekomen objecten plaatsvindt; met name ook belangrijk voor controle op aantasting door ongedierte en schimmel. |
| Record inkomend object | Synoniem voor inkomstformulier, een document met kerninformatie van een object dat wordt opgemaakt bij binnenkomst in het museum. SPECTRUM-N gebruikt de voorkeursterm inkomstformulier. |
| Register van in- en uitgaande objecten | Register waarin de bewegingen van objecten die een museum binnenkomen en verlaten, worden vastgelegd. De objecten worden in volgorde van binnenkomst in het register ingeschreven. SPECTRUM-N opteert voor het gebruik van een inkomstformulier en vertrekformulier, naast een aanwinstenregister. |
| Registratie | Het administratief noteren in een voortdurend bijgehouden gegevensbestand, van de in een museumcollectie op te nemen objecten, waarbij tenminste gegevens betreffende identiteit, eigendomsrecht en standplaats worden vermeld. De registratie kan minder of meer uitgebreid worden ingevuld. Afhankelijk van de situatie wordt minimale registratie, basisregistratie, kerninformatie, of inventarisinformatie bedoeld. |
| Registratie en documentatie | Het zodanig vastleggen van alle beschikbare informatie (minimale gegevens en aanvullende documentatie) die over een collectie en de objecten bekend is, dat deze verantwoord kan worden beheerd en aangevuld na onderzoek |
| Standplaats | Plaats van het object in het museum, hetzij in de vaste opstelling, hetzij in het depot. Een onderscheid kan gemaakt worden tussen vaste standplaats (waar het object normaal gesproken thuishoort) en huidige standplaats (waar het zich nu werkelijk bevindt). Niet te verwarren met 'locatie', dat een algemener begrip is. |
| Steuncollectie | Een verzameling objecten en/of documenten die buiten de gebruikelijke museale en cultuurhistorische waarde vallen van de collectie en juist daarom geen deel uitmaken van de vaste collectie. Deze objecten kunnen echter het museum dienstig ondersteunen voor bruikleen, educatie, onderzoek, tentoonstelling of wetenschappelijke analyse. |
| Thesaurus | Woordsysteem dat bestaat uit gecontroleerde termen, met toegevoegde verwijzingen tussen synoniemen, meer algemene en meer specifieke termen en gerelateerde termen. |
| Vaste collectie | Het geheel van objecten die het museum in eigendom dan wel in langdurig bruikleen heeft. |
| Veldwerk | Objecten die op het terrein buiten de museale ruimte zijn verzameld. Ze kunnen tentoongesteld worden in museale context, of de resultaten en documentatie kunnen opgenomen worden in de museumcollectie: archeologische vondsten, industriële archeologie, natuurhistorische objecten, immaterieel erfgoed, antropologische objecten, etnografische objecten, volkenkundige objecten, botanisch erfgoed, verzamelreis. |
| Vertrekformulier | Een formulier dat wordt opgemaakt wanneer een object uit de vaste collectie de museumgebouwen verlaat. SPECTRUM-N geeft de voorkeur aan het gebruik van een inkomst- en vertrekformulier tegenover het register van inkomende en uitgaande objecten/stukken. |
| Verzamelbeleid | Het beleid van een museum met betrekking tot het verzamelen van objecten, waarbij het verbeteren van de kwaliteit en het aanvullen van leemtes in de verzameling voorop moeten staan. Het verzamelbeleid is onderdeel van het collectiebeleid. |
| Verzamelreis | Het verzamelen van aanvullend materiaal in het kader van studie of onderzoek. Deze term komt vaak aan bod bij deelverzamelingen van bijvoorbeeld botanische tuinen, volkenkundige musea, etnografische collecties. Deze extra objecten kunnen ter illustratie opgenomen worden in een tentoonstelling zonder daarom deel uit te maken van de collectie. |
| Volgnummer | Het vroegere binnenkomstnummer, met name het nummer dat de volgorde van binnenkomst van museumobjecten of de volgorde bij standplaats van documenten aangeeft. Objecten krijgen bij binnenkomst in het museum een tijdelijk volgnummer toegekend dat wordt genoteerd op het inkomstformulier of het record inkomend object. |
| Vrije tekst | De mogelijkheid waarbij op alle woorden in een tekst kan worden gezocht, met uitzondering van stopwoorden als lidwoorden en voorzetsels. |
Elke procedure in SPECTRUM-N bevat informatie die slechts relevant is voor de betreffende procedure. Om bepaalde werkzaamheden binnen het museum volledig te kunnen uitvoeren kan het nodig zijn naar andere procedures te verwijzen. Bijvoorbeeld, de procedure Inkomend object is gekoppeld aan de procedure Inkomende bruikleen en aan de procedure Verwerving, vermits het binnenkomen van een object in het museum de eerste stap kan zijn naar bruikleen of verwerving toe.
Er wordt ook regelmatig verwezen naar de procedure Conditiecontrole en -onderzoek omdat het noodzakelijk is de conditie van het object te controleren bij verschillende gelegenheden, zoals voor verwerving, bruikleen of afstoting.
Wanneer verwezen wordt naar een andere procedure, kan dat op verschillende manieren gebeuren. Vaak is het de procedure als geheel waaraan gerefereerd wordt (bijvoorbeeld 'Zie 15 - Rechten'). Soms is de verwijzing echter specifiek naar een bepaald onderdeel van een andere procedure zoals 'Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?' of naar het onderdeel 'Procedure' (bijvoorbeeld 'Zie 9 - Conditiecontrole en -onderzoek – Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?' en 'Zie 9 - Conditiecontrole en -onderzoek - Procedure').
U kunt kiezen welke procedures van nut zijn bij uw activiteiten. Bijvoorbeeld, als u nooit objecten in bruikleen geeft, moet u de procedure Uitgaande bruikleen niet in werking stellen, en de Minimum Standaard voor die procedure zal bijgevolg niet van toepassing zijn op uw museum.
topElk van de 21 procedures is volgens een zelfde vaste structuur opgebouwd:
Hoe ook een museum de procedure implementeert, dit is wat het museum moet bereiken.
topVoordat het museum een procedure implementeert, moeten de wettelijke bepalingen die van invloed zijn op de uitvoering van de procedure duidelijk zijn en moet het beleid zijn vastgelegd, op basis waarvan de procedure uitgevoerd wordt (Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?).
topDit deel is onderverdeeld in sub-procedures die belangrijke uitvoerfasen zijn in de procedure. Deze fasen zijn verder onderverdeeld in variabele genummerde procedurestappen die instructie geven welke handelingen precies moeten uitgevoerd worden. Bij elke procedurestap, waar dat van toepassing is, zijn de 'Vereiste informatiegroepen' opgesomd. Dit is een verwijzing naar groepen informatie-eenheden (verder uitgewerkt in het tweede deel van SPECTRUM), die gebruikt moeten worden om informatie over de betreffende procedurestap vast te leggen.
topHet uitvoeren van een procedure zal leiden tot het registreren van verschillende soorten informatie. Dit wordt in SPECTRUM-N genoteerd in de informatievereisten voor elke procedure: de gestructureerde opsomming van de informatie die vastgelegd moet worden om de procedures goed te kunnen uitvoeren. In het tweede deel van SPECTRUM is deze benodigde informatie opgenomen en verder uitgewerkt.
Dit deel van SPECTRUM bestaat uit de volgende onderdelen:
Het beheren en documenteren van de overwegingen bij potentiële verwervingen van objecten in de periode voor hun aankomst in het museum.
topHet museum moet een beleid hebben waarin is vastgelegd wat gedaan moet worden vóór binnenkomst van objecten en daarbij behorende documentatie. Houd er rekening mee dat sommige soorten veldwerk alleen documentatie opleveren, en geen objecten. Zie Voor u begint - Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?
Zorg dat de procedure voor het beheren en documenteren van de voorbereiding van inkomende objecten de volgende zaken regelt:
De procedure Voorbereiding inkomend object regelt de verantwoordelijkheid van het museum bij verwervingen of aanmelding van potentiële verwervingen in de periode voordat de betreffende objecten bij het museum binnenkomen. De procedure is daarom relevant voor alle soorten veldwerk. Denk daarbij bijvoorbeeld aan archeologisch, natuurwetenschappelijk of antropologisch veldwerk.
De procedure Voorbereiding inkomend object is ook relevant bij legaten, aankopen op veilingen en bij aanbiedingen van grote stukken of collecties die beoordeling vereisen en waarvan dus nadere gegevens vóór aankomst bij het museum verzameld moeten zijn. De procedure kan tevens van toepassing zijn bij het inventariseren van collecties.
Gebruik deze procedure in combinatie met de volgende procedures, waarbij collecties worden beoordeeld voordat zij bij het museum in bewaring worden gegeven:
Kunstwerken, objecten voor verzamelingen en antiquiteiten zijn in het algemeen vrijgesteld van douanerechten bij invoer uit een derde land in de Europese Unie.
Overeenkomstig het BTW-Wetboek geldt een vrijstelling voor definitieve invoer in België van objecten die deel uitmaken van verzamelingen en kunstvoorwerpen van culturele aard, die niet voor de verkoop zijn bestemd. Musea kunnen zich op deze vrijstelling beroepen voor zover zij door het Ministerie van Financiën toestemming hebben gekregen om deze objecten met vrijstelling in te voeren. (Zij dienen daartoe een aanvraag tot definitieve invoer van kunstvoorwerpen te richten aan de Centrale administratie der douane en accijnzen, dienst douaneprocedures). Daartoe is onder meer vereist dat de betrokken objecten om niet (zonder tegenprestatie) worden ingevoerd (bijvoorbeeld via legaat, gift of schenking), of, indien de invoer onder bezwarende titel gebeurt (verkoop of ruil), mogen deze objecten niet worden geleverd door een BTW-belastingplichtige. Gespecialiseerde vervoerders hebben voldoende kennis in huis om musea over de toepasselijke formaliteiten te informeren.
topMusea moeten de nodige voorzorgen treffen opdat ze er zeker van zijn enkel ethisch aanvaardbare objecten te verwerven. Ze moeten objecten die mogelijk illegaal weggenomen zijn van archeologische sites, die het resultaat zijn van roof, of die bestaan uit een beschermd natuurlijk materiaal weigeren. Om er zeker van te zijn dat het museum zich hieraan houdt, moet het het zorgvuldigheidsprincipe (due diligence) toepassen en alle relevante documenten bewaren.
topAan objecten en ander materiaal kunnen rechten verbonden zijn, bijvoorbeeld het auteursrecht. Ook het verwerken van gegevens is gebonden aan wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld de wetgeving met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens en databanken. Houd in de procedure Voorbereiding inkomend object rekening met deze rechten.
Zie 15 - Rechten
topNoteer in het beleid met betrekking tot de voorbereiding van inkomende objecten de volgende punten:
De bewaargever moet zorgen voor transport en verzekering van de objecten.
top
1 |
Bestudeer eerst de paragraaf Voor u begint en let op dat u:
|
2 |
Evalueer regelmatig en pas, indien noodzakelijk, dat deel van de handleiding aan dat de voorbereiding van inkomende objecten beschrijft. Veranderingen kunnen noodzakelijk zijn naar aanleiding van:
|
3 |
Bepaal of het museum de juiste organisatie is om de mogelijk te verwerven objecten onder te brengen. Het museum moet haar verzamelbeleid en de voorwaarden voor het in bewaring nemen van objecten en bijbehorende documentatie kenbaar maken aan potentiële bewaargevers. Bevorder samenwerking tussen de potentiële bewaargever en het museum voor, tijdens en na het veldwerk. In de opgravingsvergunning moet worden opgenomen waar de vondsten ter bewaring worden gegeven. Indien een museum de vondsten wenst te bewaren, moet dit op voorhand afgesproken worden met de opgravers. |
4 |
Ken een uniek nummer toe aan objecten of groepen objecten. |
5 |
Maak afspraken over de wijze van aanlevering van objecten en/of documentatie die uit veldwerk afkomstig zijn. Geef aanbevelingen voor inhoud en presentatie van de collectie, als mede voor de documentatie, de verpakking en de conservering. Regel de wijze van eigendomsoverdracht. |
6 |
Beoordeel en leg essentiële informatie vast over omvang en inhoud van de collectie en de daarbij behorende documentatie voor de volgende doeleinden:
Gebruik voor archeologisch materiaal een checklist die de volgende informatie bevat:
Verwijs naar deze documentatie. |
7 |
Beslis bij veldwerk of selectie van objecten plaats moet vinden tijdens het veldwerk zelf of bij de beoordeling voor binnenkomst en verwerving. |
8 |
Leg de datum, of de waarschijnlijke datum, waarop de objecten bij het museum verwacht worden vast. Geef de eigenaar aanbevelingen over de zorg, opslag en documentatie van de objecten in de periode tot aan de verwerving. |
9 |
Een museum mag uitsluitend een object verwerven op grond van een geldige titel van de eigendomsoverdracht en van een beschikkingsbevoegde persoon. Sluit een overeenkomst met de landeigenaar indien objecten, verworven als het resultaat van veldwerk, gedoneerd zullen worden aan het museum. De overdracht van het eigendomsrecht moet voor of op het moment van bewaargeving voltooid zijn. |
10 |
Controleer de conditie van de objecten voordat zij getransporteerd worden ter bevestiging van hun stabiele toestand en controleer
of zij op de juiste wijze verpakt zijn voor opslag. |
ASHBY, H., MCKENNA, G. en M. STIFF, Spectrum Knowledge. Standards for cultural information management, Cambridge (MDA), 2001.
BAUTERS, L. en J. VAN DAMME, Het wettelijk kader. Het wettelijk kader van het Vlaams beleid inzake monumenten, stads- en dorpszichten, landschappen en archeologisch patrimonium. Eigendomsrechten van archeologische voorwerpen en hun gevolgen, in Jaarverslag van de provincie Oost-Vlaanderen 1998. Monumentenzorg en cultuurpatrimonium, Gent, 1999, p. 11-16.
BOYLAN, P. (red.), Running a museum. A practical handbook, Parijs (ICOM/UNESCO), 2004.
DRIESSEN, P. en E. WESEMAEL, Standaarden voor de registratie van archeologische objecten in een museale context. Registratie en automatisering van museale collecties, 6, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
ELOY, A., Technische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 3, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2000.
HOLM, S., Facts and artefacts: How to document a museum collection, 2de uitg., Cambridge (MDA), 1998.
LUGER, T., Handreiking voor het schrijven van een collectieplan, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten/Instituut Collectie Nederland), 2003 (herdruk in voorbereiding).
MONSIEUR, P., Archeologische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 2, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
SMETS, L. (red.), VerzekerDe bewaring, Brussel – Antwerpen (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2000 - 2008.
Syllabus bij de basiscursus preventieve conservering, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002 (nieuwe uitgave in voorbereiding).
Syllabus bij de basiscursus registratie en documentatie, 3de herz. uitg., Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002.
topAdministratie der douane en accijnzen (Invoerrechten)
http://customs.fgov.be
Belastingdienst (BTW)
http://www.belastingdienst.nl
Belgische wet- en regelgeving
http://www.belgielex.be
Archiefwet van 24 juni 1955, Decreet en Besluit privaatrechterlijke culturele Archiefwerking (2002); Archeologiedecreet (1993);
Algemene aannemingsvoorwaarden (1996); Decreet natuurbehoud (1997); Erfgoeddecreet (2004) - Erfgoedbesluit (2005) - Cultureel-erfgoeddecreet
in voorbereiding (2008).
Collections Link
http://www.collectionslink.org.uk/manage_information
Museums and Galleries Commission
Culturele Biografie Vlaanderen vzw
http://www.culturelebiografie.be
Douane (invoerrechten)
http://www.douane.nl
Erfgoedcellen
http://www.erfgoednet.be
Erfgoedinspectie
http://www.erfgoedinspectie.nl
FARO, Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw
http://www.faronet.be
Federale overheidsdienst financiën (BTW)
http://fiscus.fgov.be
ICOM
http://www.icom.org
Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium
http://www.kikirpa.be
MDA (huidige Collections Trust)
http://www.mda.org.uk
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media – Agentschap Kunsten en Erfgoed
http://www.wvg.vlaanderen.be/erfgoed
Voor de museale erkenning in Vlaanderen is in deze eerste versie van SPECTRUM-N uitgegaan van de tekst van het Erfgoeddecreet
van 2004. Een nieuw Cultureel-erfgoeddecreet (decreet houdende de ontwikkeling, de organisatie en de subsidiëring van het
Vlaams cultureel-erfgoedbeleid, waarin het Decreet op de Volkscultuur van 1998, het Archiefdecreet van 2002, en het Erfgoeddecreet
van 2004 zijn geïntegreerd) is momenteel in voorbereiding.
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.nl
Ethische code voor musea, Ethische codecommissie voor musea, het Nederlands Museumregister en SIMIN (Sectie Informatieverzorging
Musea in Nederland)
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.be
Unesco / Culture
http://www.unesco.org/culture
Ethische code – ICOM Code of Ethics for Museums; informatie over illegale handel in cultuurgoed: Unesco verdrag ter voorkoming
van illegale in-, uit- en doorvoer van cultuurobjecten (1970) - Convention on the Means of Prohibiting and Preventing the
Illicit Import, Export and Transfer of Ownership of Cultural property (Parijs, 1970); Convention for the Protection of Cultural
Property in the Event of Armed Conflict (Den Haag, 1954 en 1999).
Unidroit
http://www.unidroit.org
Unidroit Verdrag inzake de internationale terugkeer van gestolen of onrechtmatig uitgevoerde cultuurgoederen (1995) – Convention
on Stolen or Illegally Exported Cultural Objects (Rome, 1995)
Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten
http://www.museumconsulent.nl
Vlaamse overheid. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media Vlaanderen
http://www.cjsm.vlaanderen.be
Wet- en regelgeving Nederland
http://wetten.overheid.nl
Het beheren en documenteren van inkomende objecten en van de bijbehorende informatie die nog geen deel uitmaken van de collectie. Voer deze procedure uit voor alle objecten die nog geen objectnummer van het ontvangend museum hebben gekregen.
topUw museum moet een beleid hebben inzake het binnenkomen en het in bewaring nemen van objecten. Zie Voor u begint - Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?
Zorg dat de procedure voor het beheren en documenteren van het inkomend object voorziet in de volgende zaken:
De procedure Inkomend object zorgt ervoor dat vastgelegd is welke objecten binnengekomen zijn in een museum. Dat geldt voor alle objecten die aan het museum worden toevertrouwd, inclusief aanwinsten en bruiklenen voor vaste of steuncollecties. Musea worden geacht voor objecten die niet tot hun eigen collectie behoren evenveel zorg aan de dag te leggen als voor objecten die wel in eigen bezit zijn. Musea kunnen aansprakelijk worden gesteld voor het verlies of de beschadiging van objecten die gevraagd of ongevraagd zijn aangeboden en aangenomen.
Gebruik de procedure Inkomend object samen met elke andere procedure, waarin sprake is van inkomende objecten die nog geen objectnummer van uw museum hebben gekregen. Op die manier kunnen object en bijbehorende informatie worden opgevolgd.
Objecten en documentaire archiefstukken afkomstig uit veldwerkprojecten kunnen een volgnummer krijgen voordat ze in het museum in bewaring worden gegeven. Bij dergelijke objecten hoeft de volledige procedure Inkomend object niet doorlopen te worden indien de procedure Voorbereiding inkomend object volledig is toegepast. Gebruik bij aankomst van het object in het museum de procedure Verwerving.
Bij toekomstige verwerving is het van groot belang dat de eigenaar van het in bewaring gegeven object bekend is. Laat de bewaargever, wanneer hij het object niet in eigendom heeft, en vooral als het object als schenking of te koop wordt aangeboden, tekenen ter bevestiging dat hij gemachtigd is het object aan te bieden. Beter is het echter een ondertekende verklaring van de eigenaar te krijgen, die bevestigt dat de bewaargever in zijn of haar naam optreedt.
Win juridisch advies in bij het bepalen van de voorwaarden voor bewaargeving, of als u twijfelt aan de eigendom of de juridische status van een object.
De bewaargeving van sommige natuurwetenschappelijke specimina en objecten, bijvoorbeeld ivoor, kan aan beperkingen onderhevig zijn volgens de bepalingen van respectievelijk de Fauna- en florawetgeving en CITES (Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora).
Op Vlaams niveau vormt het Decreet natuurbehoud de basis van de bescherming van plant- en diersoorten en van hun levensgemeenschappen in de Vlaamse Gemeenschap. De Vlaamse regering kan op basis hiervan maatregelen nemen om bepaalde populaties van soorten of ondersoorten van organismen, en van hun habitats in stand te houden, te herstellen of te ontwikkelen. Aldus kunnen bepaalde activiteiten met betrekking tot bepaalde organismen, zoals het in het bezit houden, vangen, doden, verzamelen, wegnemen of vernielen, verhandelen, ruilen, het te koop of in ruil aanbieden of vragen, het vervoeren en het in- of uitvoeren, levend of dood, tijdelijk of permanent, plaatselijk of over het hele grondgebied geregeld of verboden worden.
Vele beschermingsmaatregelen zijn ingegeven door de Europese reglementering betreffende onder meer de instandhouding van natuurlijke habitats en wilde flora en fauna, vogelbescherming. Ook de jacht- en visserijreglementering bevat voorschriften ter bescherming van bedreigde fauna en flora.
Overeenkomstig de Cites is het in België in principe verboden gemakkelijk identificeerbare, levende of dode specimina, die in bijlage I van de CITES voorkomen, te houden, te koop aan te bieden of te kopen. Daarop werden afwijkingen toegestaan, onder meer als de dierlijke of plantaardige specimina museumstukken zijn, gehouden in wetenschappelijke organisaties, geregistreerd op de CITES dienst van de Federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu.
topDe handel in en het bezit van beschermde dieren en planten, of producten die van beschermde dieren of planten zijn gemaakt, is aan strikte regels gebonden. Het CITES-verdrag (in het Nederlands: Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde uitheemse dieren en planten) regelt de internationale handel in bedreigde dieren en planten. Het is een conventie van de Verenigde Naties, die ook door België en Nederland ondertekend is.
topAan objecten en ander materiaal kunnen rechten verbonden zijn, bijvoorbeeld het auteursrecht. Ook het verwerken van gegevens
is gebonden aan wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld de wetgeving met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens en
databanken. Houd in de procedure Inkomend object rekening met deze rechten.
Zie 15 - Rechten
Schrijf een beleid over inkomende objecten (aanwinsten, bruiklenen, objecten met verzoek om informatie en om andere redenen in bewaring gegeven objecten). Wees terughoudend bij het in bewaring nemen van objecten en sta slechts per uitzondering toe dat objecten in uw museum worden achtergelaten voor expertise en onderzoek.
Zorg dat uw beleid in de volgende punten voorziet:
Noteer expliciet de voorwaarden verbonden aan in bewaring gegeven objecten:
1 |
Bestudeer eerst de paragraaf Voor u begint en zorg dat u:
|
2 |
Evalueer regelmatig en pas, indien noodzakelijk, dat deel van de handleiding aan dat de voorbereiding van inkomende objecten beschrijft. Veranderingen kunnen noodzakelijk zijn naar aanleiding van:
|
3 |
Probeer, wanneer een inkomend object aangekondigd is, dit zo goed mogelijk voor te bereiden door:
|
4 |
Leg de gegevens over het object vast op een formulier of in een record zodra het het museum binnenkomt. Probeer voor binnenkomst al zoveel mogelijk informatie over het object te verkrijgen. Als de bewaargever een inventaris verschaft van de objecten die hij in bewaring geeft, controleer deze inventaris op discrepanties en zorg dat er overeenstemming bestaat over de objecten die in bewaring worden gegeven. Leg de volgende elementen vast:
Vereiste informatiegroepen:
Opmerking: Grote groepen objectenAls het aantal in bewaring gegeven objecten niet kan worden geteld, bijvoorbeeld als het gaat om een groot aantal potscherven, maak dan een praktische aantekening van de omvang, bijvoorbeeld "2 dozen". Geef in dat geval nummers aan groepen van objecten en niet aan individuele items. Kies daarbij ook het geschikte registratieniveau. Zo volstaat soms een overzichtslijst en is een registratie op objectniveau niet onmiddellijk vereist of zelfs ook niet mogelijk. top |
5 |
Het is essentieel dat u de conditie van het object controleert op het moment van afgifte. Zo blijft het mogelijk de oorspronkelijke
toestand van het object te achterhalen indien de eigenaar een vordering zou instellen. Een object wordt in eerste instantie
opgeborgen in een quarantaineruimte. Pas na controle van de conditie kan een object een plaats krijgen in het depot. Dit om
de rest van de objecten te beschermen tegen mogelijke besmetting of aantasting door houtworm, schimmels e.d. Het conditierapport moet aan de omstandigheden zijn aangepast. Maak een beknopte omschrijving van de conditie van het object, bijvoorbeeld 'barstje in voetstuk', 'vlek op achterzijde'. Probeer indien mogelijk een afbeelding van het object toe te voegen. In sommige gevallen is uitgebreide conditierapportage vereist en is ook een beoordeling nodig van zowel risico's voor mensen als risico's voor andere objecten. Objecten worden alleen zonder direct onderzoek aanvaard als het uitpakken door gespecialiseerd personeel dient te gebeuren. In dat geval moet het ontvangstbewijs vermelden dat de objecten zonder nazicht in ontvangst zijn genomen. |
6 |
Bezorg als ontvangstbewijs voor het object of de objecten een kopie van de geregistreerde informatie aan de bewaargever. Informeer de bewaargever over de algemene voorwaarden die het museum hanteert met betrekking tot de aanvaarding van de in bewaring gegeven objecten, op basis van de reden van bewaargeving. Informeer de bewaargever ook over zijn of haar rechten betreffende de persoonlijke informatie die in het bezit is van het museum (Wetgeving betreffende de bescherming van de persoonsgegevens). |
7 |
Als de bewaargever op het moment van ontvangst van het object niet aanwezig, maar wel bekend is (bijvoorbeeld als objecten per post worden verstuurd), stuur hem of haar dan een kopie van de vastgelegde gegevens als ontvangstbewijs en vraag een kopie ondertekend terug te sturen. Als de bewaargever onverhoopt niet bekend is, bijvoorbeeld wanneer objecten per post zonder afzender en zonder aankondiging
aankomen, leg dan zoveel mogelijk gegevens vast, inclusief foto's (indien wettelijk mogelijk). |
8 |
Bevestig een tijdelijk label aan het object met daarop het volgnummer. Als het object uit afzonderlijke onderdelen bestaat of als het aanbrengen van een label moeilijk is, plaats het object dan in een houder/doos en bevestig het label aan de houder/doos. |
9 |
Registreer de voorlopige standplaats van het object en zorg ervoor dat deze bijgewerkt wordt zodra het object verplaatst of
teruggegeven wordt. |
10 |
Als een object voor verwerving wordt aangeboden, noteer:
|
11 |
Als een object voor bruikleen of onderzoek wordt aangeboden, noteer:
|
12 |
Wanneer objecten ongevraagd en anoniem worden gedeponeerd, behandel ze dan volgens het vastgestelde beleid:
|
13 |
Wanneer het object aan de eigenaar wordt terugbezorgd, gebruik dan de procedure over uitgaande objecten. |
ASHBY, H., MCKENNA, G. en M. STIFF, Spectrum Knowledge. Standards for cultural information management, Cambridge (MDA), 2001.
BOTTERMAN, R., HEYLEN, R., SALIÈRES, R. en G. ELSEN (red.), Musea, risicobeheer en verzekeringen. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 10, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2002.
BOYLAN, P. (red.), Running a museum. A practical handbook, Parijs (ICOM/UNESCO), 2004.
DRIESSEN, P. en E. WESEMAEL, Standaarden voor de registratie van archeologische objecten in een museale context. Registratie en automatisering van museale collecties, 6, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
Elementen voor een beleidsplan van een museum, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 1995.
ELOY, A., Technische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 3, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2000.
EXTERBILLE, K., BORGHUIS, G. en J. VAN DER STARRE, Vlaamse collectiegegevens op het internet; behoefte aan een gefaseerde aanpak. Registratie en automatisering van museale collecties, 5, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
GAALMAN, A. en M. PRAGT, Handleiding bij het gebruik van de Art & Architecture Thesaurus, Amsterdam (Nederlandse Museumvereniging), 2000.
HOLM, S., Facts and artefacts: How to document a museum collection, 2de uitg., Cambridge (MDA), 1998.
LUGER, T., Handreiking voor het schrijven van een collectieplan, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten - Instituut Collectie Nederland), 2003 (herdruk in voorbereiding).
MONSIEUR, P., Archeologische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 2, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
Registratie stap voor stap: als een object het museum binnenkomt. CIDOC-richtlijnen, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), z.d. (1993).
SMETS, L. (red.), VerzekerDe bewaring, Brussel – Antwerpen (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2000 - 2008.
Syllabus bij de basiscursus preventieve conservering, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002 (nieuwe uitgave in voorbereiding).
Syllabus bij de basiscursus registratie en documentatie, 3de herz. uitg., Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002.
VAN DOORSELAER, M., VERSTAPPEN, H., en S. LEMAN e.a., Collectiemanagement in de praktijk: het belang van registratie voor het informatiebeheer van uw collectie, Antwerpen (Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2007.
topArt & Architecture Thesaurus (AAT)
http://www.aat-ned.nl
Belgische wet- en regelgeving
http://www.belgielex.be
Archiefwet van 24 juni 1955, Decreet en Besluit privaatrechterlijke culturele Archiefwerking (2002); Archeologiedecreet (1993);
Algemene aannemingsvoorwaarden (1996); Decreet natuurbehoud (1997); Erfgoeddecreet (2004) - Erfgoedbesluit (2005) - Cultureel-erfgoeddecreet
in voorbereiding (2008).
Cidoc Fact sheet 1 registration
http://cidoc.mediahost.org/FactSheet1(en)(E1).xml
Cidoc Fact sheet 2 labelling
http://cidoc.mediahost.org/FactSheet2(en)(E1).xmlCidoc
Collections Link
http://www.collectionslink.org.uk/manage_information
Museums and Galleries Commission
Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora
http://www.cites.org
Culturele Biografie Vlaanderen vzw
http://www.culturelebiografie.be
Erfgoedcellen
http://www.erfgoednet.be
Erfgoedinspectie
http://www.erfgoedinspectie.nl
FARO, Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw
http://www.faronet.be
Federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
http://www.werk.belgie.be
Welzijn op het werk
Instituut Collectie Nederland
http://www.icn.nl
International Committee for Museum Documentation
http://www.icom.org/cidoc
Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium
http://www.kikirpa.be
MDA (huidige Collections Trust)
http://www.mda.org.uk
Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit
http://www.minlnv.nl
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media – Agentschap Kunsten en Erfgoed
http://www.wvg.vlaanderen.be/erfgoed
Voor de museale erkenning in Vlaanderen is in deze eerste versie van SPECTRUM-N uitgegaan van de tekst van het Erfgoeddecreet
van 2004. Een nieuw Cultureel-erfgoeddecreet (decreet houdende de ontwikkeling, de organisatie en de subsidiëring van het
Vlaams cultureel-erfgoedbeleid, waarin het Decreet op de Volkscultuur van 1998, het Archiefdecreet van 2002, en het Erfgoeddecreet
van 2004 zijn geïntegreerd) is momenteel in voorbereiding.
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.nl
Ethische code voor musea, Ethische codecommissie voor musea, het Nederlandse Museumregister en SIMIN (Sectie Informatieverzorging
Musea in Nederland)
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.be
Unesco / Culture
http://www.unesco.org/culture
Ethische code – ICOM Code of Ethics for Museums; informatie over illegale handel in cultuurgoed: Unesco verdrag ter voorkoming
van illegale in-, uit- en doorvoer van cultuurobjecten (1970) - Convention on the Means of Prohibiting and Preventing the
Illicit Import, Export and Transfer of Ownership of Cultural property (Parijs, 1970); Convention for the Protection of Cultural
Property in the Event of Armed Conflict (Den Haag, 1954 en 1999).
Unidroit
http://www.unidroit.org
Unidroit Verdrag inzake de internationale terugkeer van gestolen of onrechtmatig uitgevoerde cultuurgoederen (1995) – Convention
on Stolen or Illegally Exported Cultural Objects (Rome, 1995)
Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten
http://www.museumconsulent.nl
Verenigde Naties
http://www.un.org
Vlaamse overheid. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media Vlaanderen
http://www.cjsm.vlaanderen.be
Wet- en regelgeving Nederland
http://wetten.overheid.nl
Het beheren en documenteren van bruiklenen waarvoor het museum verantwoordelijk is gedurende een bepaalde periode en voor een bepaald doel, meestal tentoonstelling, maar ook onderzoek, educatie of fotografie/publicatie.
topUw museum moet een beleid hebben inzake inkomende bruiklenen. Zie Voor u begint - Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?
Zorg dat de procedure voor het beheren en documenteren van inkomende bruiklenen de volgende zaken regelt:
Het initiatief voor het lenen van objecten kan zowel genomen worden door het ontvangende museum als door de bruikleengever. Redenen voor een bruikleenverzoek kunnen zijn:
Musea moeten – normaal gesproken – aangeboden bruiklenen niet accepteren, tenzij het publieksbelang er zeer mee gediend is.
Bruiklenen van wetenschappelijke collecties zijn doorgaans frequenter en minder formeel. Ze worden gewoonlijk georganiseerd op basis van internationale afspraken, die vaak specifiek voor elk vakgebied zijn. Zo kunnen organisaties onderling afspraken hebben gemaakt over bruikleenverkeer; of de bruikleen zelf kan het voorwerp zijn van een overeenkomst voor teruggave met kennisgeving van ontvangst, zoals bijvoorbeeld bij natuurhistorische collecties.
topAan objecten en ander materiaal kunnen rechten verbonden zijn, bijvoorbeeld het auteursrecht. Ook het verwerken van gegevens
is gebonden aan wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld de wetgeving met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens en
databanken. Houd in de procedure Inkomende bruikleen rekening met deze rechten.
Zie 15 - Rechten
Musea moeten de nodige voorzorgen treffen opdat ze er zeer zeker van zijn enkel ethisch aanvaardbare objecten te ontlenen. Ze moeten objecten die mogelijk illegaal weggenomen zijn van archeologische sites, die het resultaat zijn van roof, of die bestaan uit een beschermd natuurlijk materiaal weigeren. Om er zeker van te zijn dat het museum zich hieraan houdt, moet het het zorgvuldigheidsprincipe (due diligence) toepassen en alle relevante documenten bewaren.
topFormuleer in het beleid van uw museum inzake inkomende bruiklenen de volgende punten:
1 |
Bestudeer de paragraaf Voor u begint en zorg dat u:
|
2 |
Evalueer het deel van de handleiding dat inkomende bruiklenen beschrijft regelmatig en pas dit, indien nodig, aan. Veranderingen kunnen noodzakelijk zijn naar aanleiding van:
|
3 |
Een bruikleen geldt voor een eindige periode en kan niet 'blijvend' zijn. De bruikleenovereenkomst kan echter wel voorzien
in een optie voor verlenging aan het einde van een bruikleenperiode. Bruiklenen kunnen geïnitieerd worden door zowel de bruikleennemer als de bruikleengever. Houd tijdens het volledige bruikleenproces een up-to-date record bij over de status van de bruikleen. Bewaar alle briefwisseling en bijkomende informatie over de bruikleen in een dossier dat minstens op naam van de bruikleengever en op bruikleennummer ontsloten is. Noteer verwijzingen naar deze documenten. |
4 |
Noteer en bewaar tijdens het hele onderzoeksproces alle informatie over alle mogelijke bruiklenen. |
5 |
Dien bruikleenaanvragen schriftelijk in, liefst zo vroeg mogelijk. Dit, in overeenkomst met de aanvraagperiode vereist door de bruikleengever. Houd rekening met de tijd die nodig is om te voldoen aan indemniteits- en in- en uitvoervereisten, douanevereisten, of enige andere noodzakelijke voorbereiding, indien relevant. Vermeld de volgende informatie:
Vereiste informatiegroepen:
Bij de aanvraag geeft de bruikleennemer aanvullende informatie aan de bruikleengever, waaronder in ieder geval een beschrijving van de bewaarplaats(en) en een specificatie van de verantwoordelijkheid van de bruikleennemer gedurende de bruikleenperiode. Het kan samen met de bruikleenaanvraag verzonden worden. De omschreven faciliteiten gelden uiteraard niet als vervanging van de voorwaarden gesteld door de bruikleengever, maar zij lichten de verplichting van de bruikleennemer om de bruikleen veilig te bewaren toe. |
6 |
Wijzig de aanvraag als de aangevraagde objecten niet beschikbaar zijn en werk de objectinformatie bij. |
7 |
Als de bruikleengever de bruikleen in overweging neemt, verschaf hem dan aanvullend gedetailleerde informatie over de bewaaromstandigheden. In sommige gevallen zult u een formeel faciliteitenrapport moeten opstellen. Voer de geëigende controles uit (volgens het zorgvuldigheidsprincipe) om vast te stellen dat de bruikleengever de gevraagde bruikleen niet heeft verkregen uit illegale handel of roof, en dat de bruikleen geen beschermd natuurlijk materiaal betreft. Voor particulieren die nog niet eerder objecten in bruikleen aan een museum hebben gegeven, kan aparte of bijkomende begeleiding nodig zijn. De verantwoordelijkheden van beide partijen moeten duidelijk worden omschreven en indien nodig moet de bruikleengever het eigendomsrecht en de herkomst van het object bevestigen. Noteer verwijzingen naar correspondentie en documenten. |
8 |
Wanneer de bruikleengever in principe met de bruikleen heeft ingestemd, en zodra de lijst van te lenen objecten zo goed als definitief is, vraag dan om bijkomende gegevens over de objecten en noteer die in het overeenkomstige bestand. Vermeld voor elk object de volgende gegevens:
Vereiste informatiegroepen:
Het kan nodig zijn om stappen 7 en 8 te herhalen, afhankelijk van de beschikbaarheid van objecten, de veiligheid en bewaaromstandigheden. |
9 |
Stel de definitieve voorwaarden voor de bruikleen op en noteer alle beslissingen in het betreffende bestand. Vermeld de volgende informatie:
Het is niet aan te raden om verantwoordelijkheid te dragen voor de overdracht van bruiklenen van de bruikleengever aan een derde partij. Het is wel mogelijk dat een bruikleennemer aan het einde van de bruikleenperiode medewerking verleent aan overdracht aan een derde partij. Zulke overeenkomsten moeten rechtstreeks tussen de bruikleengever en de derde partij geregeld worden, tenzij het museum optreedt als organisator van een reizende tentoonstelling. Noteer verwijzingen naar correspondentie en documenten. |
10 |
Wanneer de bruikleen bevestigd wordt, moeten bruikleengever en -nemer de benodigde overeenkomst afsluiten. Die overeenkomst moet alle bruikleenvoorwaarden omvatten. Bij bruikleenverkeer tussen musea is het waarschijnlijk dat de bruikleengever een standaard overeenkomst heeft voor Uitgaande bruikleen en dat de bruikleennemer een standaard overeenkomst heeft voor Inkomende bruikleen. Het is niet aan te raden meer dan één overeenkomst te gebruiken. Het is de plicht van de bruikleennemer om de overeenkomst van de bruikleengever, als eigenaar van het object, te aanvaarden indien deze alle noodzakelijke punten bevat. Maak indien nodig een voorstel op maat dat alle relevante punten bevat en door beide partijen wordt aanvaard. |
11 |
Bereid de binnenkomst van de bruikleen degelijk voor en leg een tijdschema vast. Informeer alle betrokken medewerkers en voer alle voorschriften uit die de bruikleengever heeft opgelegd. Zorg voor een standplaats voor de bruikleen bij zijn aankomst. |
12 |
Verschaf de bruikleengever schriftelijk bewijs van de verzekering of de indemniteitsregeling en de douane-inklaring zodra de exacte duur van de bruikleen, inclusief het vervoer, overeen is gekomen en ten laatste bij afhaling van het object. Zorg er ook voor dat de benodigde vergunningen zijn verkregen, bijvoorbeeld voor werkende objecten. |
13 |
Noteer de ontvangstgegevens bij aankomst van het object. |
14 |
Pak het object uit, controleer het bijgevoegde conditierapport of stel een conditierapport op. Voeg indien (praktisch en wettelijk) mogelijk een foto toe. Tref alle nodige remediërende maatregelen maar vraag daarvoor eerst toestemming aan de eigenaar, zoals bepaald in de bruikleenovereenkomst.
|
15 |
Als er een specifiek bruikleennummer wordt toegekend, noteer dit dan op het inkomstformulier. In andere gevallen: wijs een
uniek nummer (volgnummer) toe aan elk object of groep van verwante objecten. Noteer dit nummer in de bruikleendocumentatie.
Het is aan te bevelen een verwijderbaar label met het toegekende nummer te bevestigen aan het object, zodat het gemakkelijk
geïdentificeerd kan worden. |
16 |
Noteer de standplaats van alle objecten en zorg dat die informatie bewaard wordt. Een museumplattegrond kan nuttig zijn voor
het identificeren en lokaliseren van objecten. |
17 |
Stuur een ontvangstbewijs naar de bruikleengever om de goede aankomst van het object te bevestigen en bewaar een kopie van dat bewijs. |
18 |
Controleer de bruikleen, zijn conditie en de omgeving. Verleen toegang aan de bruikleengever of zijn vertegenwoordiger wanneer
dat gevraagd wordt. Verschaf de nodige conditierapporten en meld alle gewijzigde omstandigheden, zelfs indien de objecten in bruikleen er niet rechtstreeks door zijn getroffen (bijvoorbeeld poging tot diefstal van andere objecten in bruikleen). Wanneer de bruikleen beschadigd is, informeer dan de bruikleengever onmiddellijk en voorzie hem van een gedetailleerde rapportage, uitgevoerd door de bruikleennemer. |
19 |
Als een bruikleen voor verlenging in aanmerking komt, vraag dan op de overeengekomen wijze verlenging van de bruikleenperiode
aan. Pas de dekking en status van de bruikleen in de verzekering of de indemniteitsregeling aan. Doe dit volgens de bepalingen
van de bruikleenovereenkomst en de voorwaarden van de verzekering of indemniteitsregeling. |
20 |
Regel de teruggave van de bruikleen en bevestig de afspraken inzake verpakking, transport en ontvangst zoals bepaald in de stappen 9 en 10. Als de bruikleendata gewijzigd worden, zorg er dan voor dat de bruikleengever zo snel mogelijk wordt geraadpleegd over de verlenging of de vervroegde teruggave van de bruikleen. |
21 |
Controleer het conditierapport of stel een laatste conditierapport over het object op en neem eventueel foto's (indien wettelijk mogelijk). |
22 |
Geef het object terug aan de bruikleengever. Vraag aan de transporteurs een bewijs dat alle objecten zijn terugbezorgd en bewaar dit bewijs. Noteer de verwijzing naar deze informatie. |
23 |
Vraag aan de bruikleengever een schriftelijke bevestiging dat de objecten in goede staat ontvangen zijn en bewaar die bevestiging.
Volg eventuele afwikkelingen op, bijvoorbeeld verzekeringsclaims. |
24 |
Zorg ervoor dat alle onkosten vergoed zijn. |
25 |
Bewaar de documentatie permanent als controlespoor voor de bruikleen. |
26 |
Indien de eigenaar overleden is sinds het object in bruikleen werd gegeven, neem dan contact op met de executeur-testamentair. Als u twijfelt aan de huidige juridische eigendom van het object, en/of als er geen gevolmachtigde handtekeningen zijn, win dan professioneel juridisch advies in. Het kan ook nodig zijn juridisch advies te vragen over de stappen die uw museum moet ondernemen indien de oorspronkelijke eigenaar van een gedeponeerd stuk of een bruikleen niet langer gecontacteerd kan worden of overleden is. Dit kan nodig zijn voor:
Hoe dan ook, verdere actie kan pas ondernomen worden na een periode van due diligence, wanneer redelijke inspanningen om de oorspronkelijke eigenaar op te sporen gefaald hebben. |
27 |
Als een object in bruikleen naderhand door het ontvangende museum wordt verworven, verwerk het dan als een gewone verwerving.
|
Algemene uitgangspunten voor de behandeling van bruiklenen en uitwisselingen tussen instellingen. Vertaling van General principles on the administration of loans and exchange of works of art between institutions, Antwerpen (Vlaamse Museumvereniging), 1997.
ARENDS, J. D., De juridische aspecten van het intermuseale bruikleenverkeer, Amsterdam (Nyenrode Law School), 2006.
ASHBY, H., MCKENNA, G. en M. STIFF, Spectrum Knowledge. Standards for cultural information management, Cambridge (MDA), 2001.
BOTTERMAN, R., HEYLEN, R., SALIÈRES, R. en G. ELSEN (red.), Musea, risicobeheer en verzekeringen. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 10, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2002.
BOYLAN, P. (red.), Running a museum. A practical handbook, Parijs (ICOM/UNESCO), 2004.
DE LEEUW, R. e.a., Lending to Europe. Recommendations on collection mobility for European Museums. A report produced by an independent group of experts, set up by Council resolution, z.p., 2005.
Elementen voor een beleidsplan van een museum, Tilburg (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 1995.
ELOY, A., Technische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 3, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2000.
GELDERS, L., PINTELON, L., VAN NIEUWENHUYSE, B., CLAES, P. en J. VITS, Sectoronderzoek en verbetering van de service in art handling en transport. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 4, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
HENNEMAN, I. en F. HUYS, Hedendaagse kunst. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 1, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
HOLM, S., Facts and artefacts: How to document a museum collection, 2de uitg., Cambridge (MDA), 1998.
MONSIEUR, P., Archeologische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 2, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
Subsidieregeling indemniteit bruiklenen 2005. Ministerie van OCW, Amsterdam (ICN), 2005.
Registratie stap voor stap: als een object het museum binnenkomt. CIDOC-richtlijnen, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), z.d. (1993).
SMETS, L. (red.), VerzekerDe bewaring, Brussel – Antwerpen (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2000 - 2008.
Syllabus bij de basiscursus preventieve conservering, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002 (nieuwe uitgave in voorbereiding).
Syllabus bij de basiscursus registratie en documentatie, 3de herz. uitg., Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002.
topAdministratie der douane en accijnzen (Invoerrechten)
http://customs.fgov.be
Belastingdienst (BTW)
http://www.belastingdienst.nl
Belgische wet- en regelgeving
http://www.belgielex.be
Archiefwet van 24 juni 1955, Decreet en Besluit privaatrechterlijke culturele Archiefwerking (2002); Archeologiedecreet (1993);
Algemene aannemingsvoorwaarden (1996); Decreet natuurbehoud (1997); Erfgoeddecreet (2004) - Erfgoedbesluit (2005) - Cultureel-erfgoeddecreet
in voorbereiding (2008).
Cidoc Fact sheet 1 registration
http://cidoc.mediahost.org/FactSheet1(en)(E1).xml
Cidoc Fact sheet 2 labelling
http://cidoc.mediahost.org/FactSheet2(en)(E1).xmlCidoc
Collections Link
http://www.collectionslink.org.uk/manage_information
Museums and Galleries Commission
Culturele Biografie Vlaanderen vzw
http://www.culturelebiografie.be
Department for Culture, Media and Sport
http://www.culture.gov.uk
Mobility of Collections
Douane (invoerrechten)
http://www.douane.nl
Erfgoedcellen
http://www.erfgoednet.be
FARO, Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw
http://www.faronet.be
Federale overheidsdienst financiën (BTW)
http://fiscus.fgov.be
Federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
http://www.werk.belgie.be
Welzijn op het werk
Gelders Erfgoed
http://www.gelderserfgoed.nl
Voorbeeld van een bruikleenovereenkomst
Instituut Collectie Nederland
http://www.icn.nl
International Committee for Museum Documentation
http://www.icom.org/cidoc
Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium
http://www.kikirpa.be
MDA (huidige Collections Trust)
http://www.mda.org.uk
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media – Agentschap Kunsten en Erfgoed
http://www.wvg.vlaanderen.be/erfgoed
Voor de museale erkenning in Vlaanderen is in deze eerste versie van SPECTRUM-N uitgegaan van de tekst van het Erfgoeddecreet
van 2004. Een nieuw Cultureel-erfgoeddecreet (decreet houdende de ontwikkeling, de organisatie en de subsidiëring van het
Vlaams cultureel-erfgoedbeleid, waarin het Decreet op de Volkscultuur van 1998, het Archiefdecreet van 2002, en het Erfgoeddecreet
van 2004 zijn geïntegreerd) is momenteel in voorbereiding.
Mobility of Collections Conference, Manchester, 2005
http://culture.gov.uk/mobility
Museum Collections on the Move, European Conference ICN – OCW, Den Haag, 2004
http://museumcollectionsonthemove.org
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.nl
Ethische code voor musea, Ethische codecommissie voor musea, het Nederlandse Museumregister SIMIN (Sectie Informatieverzorging
Musea in Nederland), voorbeeld van een bruikleenovereenkomst
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.be
Unesco / Culture
http://www.unesco.org/culture
Ethische code – ICOM Code of Ethics for Museums; informatie over illegale handel in cultuurgoed: Unesco verdrag ter voorkoming
van illegale in-, uit- en doorvoer van cultuurobjecten (1970) - Convention on the Means of Prohibiting and Preventing the
Illicit Import, Export and Transfer of Ownership of Cultural property (Parijs, 1970); Convention for the Protection of Cultural
Property in the Event of Armed Conflict (Den Haag, 1954 en 1999).
Unidroit
http://www.unidroit.org
Unidroit Verdrag inzake de internationale terugkeer van gestolen of onrechtmatig uitgevoerde cultuurgoederen (1995) – Convention
on Stolen or Illegally Exported Cultural Objects (Rome, 1995)
Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten
http://www.museumconsulent.nl
Vlaamse overheid. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media Vlaanderen
http://www.cjsm.vlaanderen.be
Wet- en regelgeving Europese Unie
http://www.eur-lex.europa.eu
Europese Richtlijn 93/7 betreffende de teruggave van cultuurgoederen.
EEG Verordening 752/93 houdende uitvoerbepalingen betreffende de uitvoer van cultuurgoederen
Wet- en regelgeving Nederland
http://wetten.overheid.nl
Het beheren en documenteren van de toevoeging van objecten en gerelateerde informatie aan het museum en hun mogelijke opname in de vaste collectie.
topUw museum moet een beleid hebben inzake de verwerving van objecten; dit beleid is een onderdeel van het collectiebeleid. Zie Voor u begint - Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?
Zorg dat de procedure voor het beheren en documenteren van verwervingen de volgende zaken regelt:
Verwerving behelst verschillende taken en activiteiten zoals:
Verwerving formaliseert ook de registratie van objecten die gevonden zijn tijdens retrospectieve documentatie, audit of controle van de inventaris.
Niet alle objecten die het museum in bezit heeft worden formeel in het aanwinstenregister opgenomen. Het museum kan een object kopen om het tentoon te stellen zonder het na afloop van de tentoonstelling aan de vaste collectie toe te voegen. Foto's die gelden als 'objecten' van historisch, wetenschappelijk of esthetisch belang kunnen aan de vaste collectie worden toegevoegd, in tegenstelling tot werkfoto's voor documentatie of tentoonstelling. In zulke gevallen zal er een alternatief beheerssysteem nodig zijn voor objecten die niet tot de vaste collectie behoren.
Een object kan van status veranderen (bijvoorbeeld als het als uniek wordt erkend) of kan gedurende een beperkte periode zonder risico worden gebruikt, op voorwaarde dat het met de nodige omzichtigheid wordt behandeld. We adviseren daarom een verfijnder aanpak die gebaseerd is op de regelmatige beoordeling van de waarde van elk object. Essentieel is dat elk museum een duidelijk beleid opstelt en uitvoert.
Het moet dus onmiddellijk duidelijk zijn waarom een object is verworven, en of het zo lang mogelijk geconserveerd moet worden dan wel of het voor educatie, vermaak of onderzoek is bestemd.
(Uit Museums and Galleries Commission, Standards in the Museum Care of Larger and Working Objects: Social and Industrial History Collections, 1994)
Indien een object van de vaste naar een andere collectie wordt overgebracht, ga dan naar de procedure over afstoting.
Zie 20 - Afstoting
Verwerf geen objecten wanneer er twijfel bestaat over het eigendomsrecht van de verkoper of de schenker. Musea zijn niet verplicht schenkingen of legaten aan te nemen. De schenker moet op de hoogte zijn van de voorwaarden voor het aanvaarden van collecties. Vraag, vooraleer collecties te aanvaarden, toestemming aan de schenker om objecten te weigeren die u ongeschikt acht voor de vaste collectie. Maak voordat die selectie plaatsvindt wel een aantekening over de groep als geheel (bijvoorbeeld op het inkomstformulier). Bij archieven of collecties die als groep belangrijk zijn (veeleer dan de afzonderlijke objecten waaruit ze bestaan) is het aan te bevelen na grondig onderzoek de collectie op te splitsen of op te schonen.
Wanneer archeologische archieven in een museum worden gedeponeerd zonder aan de voorschriften inzake bewaargeving en verwerving van het museum te voldoen, kan het museum de vondsten op voorlopige basis bewaren. Stel dan de eventuele verwerving voor de vaste collectie uit tot het museum een volledige en volwaardige beoordeling kan uitvoeren en op basis daarvan kan beslissen objecten al dan niet te bewaren. Spreek het definitieve oordeel uit binnen een afgesproken termijn.
Beoordeel objecten bij het verwervingsproces ook op mogelijke risico's, om te voldoen aan essentiële gezondheids- en veiligheidsregels. Dergelijke gevaren zijn medebepalend voor de besluitvorming en dienen derhalve voor de binnenkomst van het object onderzocht te worden.
topVermijd de verwerving van objecten waarop beperkende voorwaarden rusten. Win bij twijfel altijd professioneel juridisch advies in. Voor objecten die aanvaard worden ter voldoening van successierechten gelden specifieke voorwaarden. Informeer hierover bij het betrokken ministerie.
Onderzoek de milieugevolgen en de ethische consequenties van elke verwerving grondig. Houd rekening met het intellectuele, wetenschappelijke en educatieve belang van de aanwinst. Andere beperkingen kunnen gebrek aan adequate opberging of conservering zijn, of kunnen te maken hebben met het vergankelijke en vluchtige materiaal waarvan objecten gemaakt zijn. In dat geval kan een museum ook beslissen iets wel te verwerven, maar daarbij tegelijk aangeven hoe en hoelang het iets wil bewaren. Zie erop toe dat de verwerving van objecten niet indruist tegen het lokale, nationale of internationale recht, noch tegen verdragen of algemeen geldende gedragscodes. Dezelfde wettelijke en ethische voorschriften gelden voor iedereen die in naam van het museum verzamelt. Zorg ervoor dat zowel organisaties als particulieren waarvan u materiaal ontvangt, het museumbeleid ter zake kennen en naleven.
topNeem objecten zonder nummer of herkomstgegevens, bijvoorbeeld bij een inventariscontrole of audit, slechts dan op in de vaste collectie als er geen reden is om aan te nemen dat het museum ze niet in eigendom heeft. Bovendien moeten ze van belang worden geacht voor de vaste collectie. Stel alles in het werk om de herkomst van dergelijke objecten te achterhalen. Raadpleeg daartoe ook alle externe bronnen en interne documenten (bijvoorbeeld inkomstformulieren, briefwisseling, bruikleendocumentatie) en link deze indien mogelijk aan de bestaande records. Documenteer en bewaar altijd de documentatie over de vondst en de eventuele opname in de collectie. Zo kunt u het controlespoor volgen in geval van latere aanspraken op het object.
topMusea kunnen naast objecten ook archieven of archiefstukken in hun collectie willen opnemen, bijvoorbeeld omdat die de context bieden voor de verzamelde objecten. Het is echter aan te raden daarover altijd eerst overleg te plegen met de plaatselijke overheidsarchiefdienst. Archieven van overheidsorganisaties vallen onder de archiefwet. Deze wet regelt de bewaring, ontsluiting en openbaarmaking van archieven. Het is aanbevelenswaardig ook archieven die niet onder deze wetgeving vallen en die van belang worden geacht als cultureel historisch erfgoed op dezelfde zorgvuldige wijze te bewaren en toegankelijk te maken.
topMet betrekking tot archeologische vondsten in België/Vlaanderen moet men met drie onderscheiden regimes rekening houden.
Onder het gemeenrechtelijk regime van het Burgerlijk Wetboek (Art. 552 en 716) behoort de eigendom van een schat (waaronder wordt verstaan iedere verborgen of bedolven zaak waarop niemand zijn recht van eigendom kan bewijzen en die door louter toeval ontdekt wordt) aan wie hem in zijn eigen erf vindt. Wordt de schat in andermans erf gevonden, dan behoort hij voor de ene helft toe aan de vinder en voor de andere helft aan de eigenaar van het erf. Wie gericht en doelbewust op andermans grond op zoek is, bijvoorbeeld wie speurt met een metaaldetector, kan nooit de vinder zijn van een schat en heeft dan ook geen recht op de helft van de waarde van de schat. Dit geldt ook voor archeologen: zij zijn beroepsmatig geïnteresseerd en kunnen dus nooit een deel van de vondsten claimen die ze zelf doen, tenzij ze met de eigenaar van de grond een overeenkomst hebben afgesloten.
Vondsten die gedaan worden in het kader van overheidsopdrachten, zijn onderworpen aan bijzondere regels (Art. 29 §2 Algemene aannemingsvoorwaarden). Deze vondsten moeten op staande voet ter kennis worden gebracht van de aanbestedende overheid. Als de vondsten kunstvoorwerpen, oudheidkundige, natuurhistorische, numismatieke objecten zijn of andere vondsten die een wetenschappelijke waarde hebben, of zeldzame en kostbare objecten betreffen, worden deze de eigendom van de aanbestedende overheid.
Het Archeologiedecreet tenslotte regelt de toevalsvondsten van archeologische monumenten en zones in de Vlaamse Gemeenschap: iedereen die, behalve in het kader van vergunde archeologische opgravingen, een roerend goed vindt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat het een roerend archeologisch monument betreft, is verplicht hiervan binnen drie dagen melding te doen bij het agentschap RO-Vlaanderen. De archeologische monumenten en hun vindplaats moeten tot de tiende dag na de melding in onveranderde toestand door de eigenaar, gebruiker en vinder bewaard blijven, beschermd worden tegen beschadiging en vernieling en toegankelijk gesteld worden voor onderzoek door het Vlaams Instituut voor onroerend erfgoed of het agentschap RO-Vlaanderen. De algemene beschermingsvoorschriften voor beschermde archeologische monumenten en zones gelden tevens voor dergelijke toevalsvondsten.
Met betrekking tot deze toevalsvondsten kan tussen het Vlaams Gewest en de eigenaar van het terrein en de vinder een overeenkomst worden gesloten die de bestemming van de roerende archeologische monumenten regelt. Aldus kan zo een overeenkomst de overdracht van de roerende archeologische monumenten naar een openbare verzameling bepalen, tegen eventuele vergoeding van de eigenaar en de vinder.
topDe Wet van 9 april 2007 betreffende de vondst en de bescherming van wrakken is van toepassing op wrakken en wrakstukken gelegen binnen de territoriale zee van België. Ieder die binnen de territoriale zee enig wrak of enig wrakstuk vindt (en bovenhaalt), moet zijn vondst zonder verwijl melden aan de ontvanger der wrakken overeenkomstig nader bepaalde regels, voor zover het wrak niet officieel gekend is. Het is verboden:
De wet van 9 april 2007 regelt ook de bewaring en de eigendom van wrakken en wrakstukken die niet door hun eigenaar of diens rechtverkrijgenden zijn opgeëist.
De Wet van 22 april 1999 betreffende de exclusieve economische zone van België in de Noordzee beheerst onder meer de soevereine rechten van de Belgische staat in de exclusieve economische zone (EEZ) ten behoeve van de exploratie en exploitatie, het behoud en het beheer van de natuurlijke rijkdommen, levend en niet-levend, van de wateren boven de zeebodem, van de zeebodem en de ondergrond daarvan.
topOp Vlaams niveau vormt het Decreet natuurbehoud de basis van de bescherming van plant- en diersoorten en van hun levensgemeenschappen in de Vlaamse Gemeenschap. De Vlaamse regering kan op basis hiervan maatregelen nemen om bepaalde populaties van soorten of ondersoorten van organismen, en van hun habitats in stand te houden, te herstellen of te ontwikkelen. Aldus kunnen bepaalde activiteiten met betrekking tot bepaalde organismen, zoals het in het bezit houden, vangen, doden, verzamelen, wegnemen of vernielen, verhandelen, ruilen, het te koop of in ruil aanbieden of vragen, het vervoeren en het in- of uitvoeren, levend of dood, tijdelijk of permanent, plaatselijk of over het hele grondgebied geregeld of verboden worden.
Vele beschermingsmaatregelen zijn ingegeven door de Europese reglementering betreffende onder meer de instandhouding van natuurlijke habitats, wilde flora en fauna, en vogelbescherming. Ook de jacht- en visserijreglementering bevat voorschriften ter bescherming van bedreigde fauna en flora.
Overeenkomstig de Cites is het in België in principe verboden gemakkelijk identificeerbare, levende of dode specimina, die in bijlage I van de CITES voorkomen, te houden, te koop aan te bieden of te kopen. Daarop werden afwijkingen toegestaan, onder meer als de dierlijke of plantaardige specimina museumstukken zijn, gehouden in wetenschappelijke organisaties, geregistreerd op de CITES dienst van de Federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu.
topDe handel in en het bezit van beschermde dieren en planten, of producten die van beschermde dieren of planten zijn gemaakt, is aan strikte regels gebonden. Het CITES-verdrag (in het Nederlands: Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde uitheemse dieren en planten) regelt de internationale handel in bedreigde dieren en planten. Het is een conventie van de Verenigde Naties, die ook door België en Nederland ondertekend is.
Naast de wettelijke regelingen dient het museum zich ook rekenschap te geven van de ethische codes, die in het museale veld nationaal en internationaal zijn afgesproken. Deze bieden richtlijnen voor zorgvuldig handelen. Voorts zijn de Europese verordening en richtlijn van 1993 van belang (de internationale UNESCO en Unidroit-verdragen zijn formeel nog niet van toepassing, maar worden tot op zekere hoogte naar de geest wel toegepast) alsmede de Haagse Conventie van 1954.
topAan objecten en ander materiaal kunnen rechten verbonden zijn, bijvoorbeeld het auteursrecht. Ook het verwerken van gegevens
is gebonden aan wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld de wetgeving met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens en
databanken. Houd in de procedure Verwerving rekening met deze rechten.
Zie 15 - Rechten
Formuleer in het beleid met betrekking tot verwerving de volgende punten:
Het beleid kan ook vereisen de verwervingsdocumentatie te checken en te verifiëren.
Zie 14 - Audit
Maak duidelijk waarom uw museum bepaalde object(groep)en verzamelt of op specifieke gebieden actief is. Beschrijf de historische collecties in het bezit van het museum en preciseer hoe het huidige collectiebeleid past in het algemene beleid van het museum. Stem het collectiebeleid in de mate van het mogelijke af met de andere musea, bibliotheken en archieven in uw omgeving en met organisaties die op dezelfde vakgebieden werkzaam zijn. Behoudens noodgevallen, mag een museum uitsluitend objecten verzamelen, waarvoor zij de expertise bezit en waarvoor zij voor goede bewaaromstandigheden kan zorgen. Neem de relevante regelgeving in acht op het gebied van arbeidsomstandigheden, milieu en veiligheid, bijvoorbeeld bij grote, werkende objecten. Stel een procedure op om informatie over objecten die het museum zelf niet kan verwerven maar die het als waardevol beschouwt, aan andere organisaties door te geven.
topHoewel een object niet mag worden beschadigd bij het fysiek nummeren of labelen, is dit in de praktijk niet altijd te vermijden.
Duurzaamheid is soms belangrijker dan omkeerbaarheid. Het museum moet schriftelijk vastleggen op welke plaats het nummer of
label op of aan het object wordt aangebracht.
Zie Voor verdere informatie
1 |
Bestudeer eerst de paragraaf Voor u begint en let op dat u:
|
2 |
Evalueer het deel van de handleiding dat de verwerving van objecten beschrijft regelmatig en pas dit, indien nodig, aan. Veranderingen kunnen noodzakelijk zijn naar aanleiding van:
|
3 |
Beoordeel en autoriseer verwervingen overeenkomstig het museumbeleid en bewaar de schriftelijke documentatie van dit proces (zie Voor u begint - Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?). Leg een verwijzing naar deze documentatie vast. |
4 |
Plan de ontvangst van het object zorgvuldig en houd rekening met alle implicaties die de verwerving met zich meebrengt. Zorg bijvoorbeeld voor toereikende, langdurige depot- of tentoonstellingsruimte en voorzie ook dat het personeel over voldoende tijd beschikt om het verwervingsproces af te ronden. |
5 |
Voer een conditiecontrole uit en leg die vast. Stel een conditierapport over de te verwerven objecten op. Pas dit aan de omstandigheden aan. Maak aantekeningen over de conditie, bijvoorbeeld 'barstje in voetstuk', 'vlek op achterzijde'. In sommige gevallen is een afbeelding of een uitgebreider verslag nodig. Het is belangrijk de toestand van een object te controleren vóór de verwerving ervan. Zo vermijdt u 'verborgen' conserveringskosten en kunt u rekening houden met deze kosten. Het kan nodig blijken verschillende soorten informatie vast te leggen, bijvoorbeeld het kunnen werken van grote objecten of de conditie van slechts een staal van een grote groep objecten. Als de verwerving binnenkomt tengevolge van afstoting of overdracht door een ander museum, kan het object al vergezeld zijn van een conditierapport. Vergelijk dit met uw eigen conditierapport en bespreek eventuele verschillen met het museum dat het voorwerp afstoot of overdraagt. |
6 |
Verkrijg het onbezwaarde en onbetwiste eigendomsbewijs van het object. Dit omvat de volgende gegevens:
Leg zo nodig vast welke stappen ondernomen zijn om de eigendom te verkrijgen, en leg eveneens vast hoe de eigendom is verkregen (bijvoorbeeld door schenking, aankoop of ruil). |
7 |
Afhankelijk van de verwervingsmethode moet het museum over de volgende documentatie beschikken: Bij legaten
Bij vondsten
Bij schenkingen
De informatie over alle schenkingen moet op naam van de schenker ontsloten zijn. Bij aankopen
Bij ruil
Bij schatten
Bewaar alle originele documenten die betrekking hebben op de eigendomsoverdracht in een beveiligde, brandvrije locatie, als kernbestanddeel van de altijd te bewaren documentatie van de collectie. |
8 |
Identificeer en noteer de rechthebbende van het auteursrecht en van andere rechten verbonden aan het object en het gebruik
ervan. Verwerf wanneer mogelijk het auteursrecht voor uw museum. |
9 |
Geef het object een uniek nummer. Leg het nummeringssysteem vast dat het museum hanteert. Onderdelen van een object kunnen
een zelfde objectnummer krijgen, gevolgd door een unieke toevoeging voor elk onderdeel. Als grote aantallen gelijksoortige
objecten samen in een houder/doos zitten (bijvoorbeeld parels in een doos, een doos scherven, een lade met insecten), krijgt
die houder/doos een nummer, wordt de inhoud geteld en het totaal geregistreerd. |
10 |
Verwerk de verwerving van archieven of grote groepen specimina door ze als groep te beschrijven en ze één nummer toe te kennen. Sorteer, registreer en ontsluit archieven vervolgens op de voor archiefmateriaal gebruikelijke wijze. |
11 |
Registreer de volgende informatie voor elk object of voor elke groep van bij elkaar horende objecten die door één nummer worden geïdentificeerd:
|
12 |
Kies een register van hoogwaardig archiefpapier dat op duurzame wijze ingebonden is. Druk bij een geautomatiseerd register op gezette tijden nieuwe records af met een duurzaam afdrukmedium op hoogwaardig archiefpapier en bewaar dit stevig ingebonden. Onderteken en dateer de afdruk, bij voorkeur elke pagina afzonderlijk. Bewaar het originele register goed beveiligd, bij voorkeur in een vuurbestendige kast. Maak een reservekopie van het register. Kopieën op microfiche, fotokopieën en cd-romversies zijn toegelaten. Bewaar de kopieën buiten het museum. Maak regelmatig kopieën en sla ze op een veilige plek op om te beletten dat er met de gegevens geknoeid wordt (dataconservering). |
13 |
Merk het object met zijn unieke nummer of breng dat nummer op een label aan. De gebruikte methode hangt af van het materiaaltype
en van de toestand van het object. Nummer objecten bij voorkeur fysiek; in sommige gevallen zal dat echter niet mogelijk zijn.
|
14 |
Maak – indien praktisch mogelijk en wettelijk toegestaan – een foto van het object. |
15 |
Noteer de eerste standplaats van het object. |
16 |
Noteer de volgende bijkomende informatie voor elk object of elke groep van objecten:
Alle beschikbare informatie en alle objecten geassocieerd met elk object moeten in de mate van het mogelijke verworven worden op het ogenblik van verzamelen. Dit geldt in het bijzonder wanneer een object uit zijn context wordt gehaald. Vereiste informatiegroepen:
|
17 |
Stuur bij schenkingen een bedankbrief naar de schenker, samen met het objectnummer en informatie over de plaats van het object. Stuur bij aankopen tot stand gekomen met financiële steun van fondsen een bedankbrief naar elk van deze fondsen. |
ASHBY, H., MCKENNA, G. en M. STIFF, Spectrum Knowledge. Standards for cultural information management, Cambridge (MDA), 2001.
BAUTERS, L. en J. VAN DAMME, Het wettelijk kader. Het wettelijk kader van het Vlaams beleid inzake monumenten, stads- en dorpszichten, landschappen en archeologisch patrimonium. Eigendomsrechten van archeologische voorwerpen en hun gevolgen, in Jaarverslag van de provincie Oost-Vlaanderen 1998. Monumentenzorg en cultuurpatrimonium, Gent, 1999, p. 11-16.
BOYLAN, P. (red.), Running a museum. A practical handbook, Parijs (ICOM/UNESCO), 2004.
CAMPFENS, E. en I. VAN DER VLIES, Recht en onrecht in roofkunstkwesties, in Erfgoedverhalen voor Charlotte van Rappard-Boon, o.l.v. H. PENNOCK, J. LEISTRA, T. de BOER e.a., Den Haag (Erfgoedinspectie), 2007, p. 141-147.
Elementen voor een beleidsplan van een museum, Tilburg (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 1995.
ELOY, A., Technische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 3, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2000.
GROENEVELD, W., Collectiebeleid en collectievorming: een slinger van Foucault?, z.p., 2005.
Het etiketteren en merken van objecten. CIDOC-richtlijnen, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), z.d.
Het nummeren van museumvoorwerpen met schrijfstiften, Amsterdam (Instituut Collectie Nederland), 2000.
HOLM, S., Facts and artefacts: How to document a museum collection, 2de uitg., Cambridge (MDA), 1998.
KLOMP, R. (red.), Kunst en recht. Wetseditie Ars aequi, 2de herz. uitg., 2007-2010.
Luger, T., Handreiking voor het schrijven van een collectieplan, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten - Instituut Collectie Nederland), 2003 (herdruk in voorbereiding).
MONSIEUR, P., Archeologische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 2, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
Registratie stap voor stap: als een object het museum binnenkomt. CIDOC-richtlijnen, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), z.d. (1993).
SCHOEMAKER, K., Schenken aan musea, een geringe belasting, in Erfgoedverhalen voor Charlotte van Rappard-Boon, o.l.v. H. PENNOCK, J. LEISTRA, T. de BOER e.a., Den Haag (Erfgoedinspectie), 2007, p. 39-43.
SORGDRAGER, W., De beperkte bescherming van de WBC, in Erfgoedverhalen voor Charlotte van Rappard-Boon, o.l.v. H. PENNOCK, J. LEISTRA, T. de BOER e.a., Den Haag (Erfgoedinspectie), 2007, p. 164-169.
SMETS, L. (red.), VerzekerDe bewaring, Brussel – Antwerpen (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2000 - 2008.
Syllabus bij de basiscursus preventieve conservering, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002 (nieuwe uitgave in voorbereiding).
Syllabus bij de basiscursus registratie en documentatie, 3de herz. uitg., Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002.
topAdministratie der douane en accijnzen (invoerrechten)
http://customs.fgov.be
Belastingdienst (BTW)
http://www.belastingdienst.nl
Belgische wet- en regelgeving
http://www.belgielex.be
Archiefwet van 24 juni 1955, Decreet en Besluit privaatrechterlijke culturele Archiefwerking (2002); Archeologiedecreet (1993);
Algemene aannemingsvoorwaarden (1996); Decreet natuurbehoud (1997); Erfgoeddecreet (2004) - Erfgoedbesluit (2005) - Cultureel-erfgoeddecreet
in voorbereiding (2008). Inzake inbetalinggeving van kunstwerken ter voldoening van de successierechten: zie Art. 83-3 van
het Wetboek der successierechten.
Cidoc Fact sheet 1 registration
http://cidoc.mediahost.org/FactSheet1(en)(E1).xml
Cidoc Fact sheet 2 labelling
http://cidoc.mediahost.org/FactSheet2(en)(E1).xmlCidoc
Collections Link
http://www.collectionslink.org.uk/manage_information
Museums and Galleries Commission
Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora
http://www.cites.org
Culturele Biografie Vlaanderen vzw
http://www.culturelebiografie.be
Fact sheet: Het etiketteren en merken van objecten (CIDOC-richtlijnen).
Douane (invoerrechten)
http://www.douane.nl
Erfgoedcellen
http://www.erfgoednet.be
Erfgoedinspectie
http://www.erfgoedinspectie.nl
http://www.erfgoedinspectie.nl/page/archeologie/wet_en_regelgeving
FARO, Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw
http://www.faronet.be
Federale overheidsdienst financiën (BTW)
http://fiscus.fgov.be
Federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
http://www.werk.belgie.be
Welzijn op het werk
ICOM
http://www.icom.org
ICOM Nederland
http://www.icomnederland.nl
ICOM / Code of Ethics for Museums
http://icom.museum/ethics.html
ICOM / RedList
http://icom.museum/redlist/index.html
Online index van gestolen goederen uit Afrika, Zuid-Amerika, Irak en Afghanistan.
Instituut Collectie Nederland
http://www.icn.nl
Factsheet nr.3, 2003: Het nummeren van museumvoorwerpen met schrijfstiften.
Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat
http://www.notaris.be
Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium
http://www.kikirpa.be
MDA (huidige Collections Trust)
http://www.mda.org.uk
Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit
http://www.minlnv.nl
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media – Agentschap Kunsten en Erfgoed
http://www.wvg.vlaanderen.be/erfgoed
Voor de museale erkenning in Vlaanderen is in deze eerste versie van SPECTRUM-N uitgegaan van de tekst van het Erfgoeddecreet
van 2004. Een nieuw Cultureel-erfgoeddecreet (decreet houdende de ontwikkeling, de organisatie en de subsidiëring van het
Vlaams cultureel-erfgoedbeleid, waarin het Decreet op de Volkscultuur van 1998, het Archiefdecreet van 2002, en het Erfgoeddecreet
van 2004 zijn geïntegreerd) is momenteel in voorbereiding.
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.nl
Ethische code voor musea, Ethische codecommissie voor musea, het Nederlandse Museumregister en SIMIN (Sectie Informatieverzorging
Musea in Nederland)
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.be
Rijksmuseum van Oudheden
http://www.rmo.nl
Verslag van debat Verboden te verzamelen (tentoonstelling RMO Leiden, 2007).
Unesco / Culture
http://www.unesco.org/culture
Ethische code – ICOM Code of Ethics for Museums; informatie over illegale handel in cultuurgoed: Unesco verdrag ter voorkoming
van illegale in-, uit- en doorvoer van cultuurobjecten (1970) - Convention on the Means of Prohibiting and Preventing the
Illicit Import, Export and Transfer of Ownership of Cultural property (Parijs, 1970); Convention for the Protection of Cultural
Property in the Event of Armed Conflict (Den Haag, 1954 en 1999).
Unidroit
http://www.unidroit.org
Unidroit Verdrag inzake de internationale terugkeer van gestolen of onrechtmatig uitgevoerde cultuurgoederen (1995) – Convention
on Stolen or Illegally Exported Cultural Objects (Rome, 1995)
Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten
http://www.museumconsulent.nl
Vlaamse overheid. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media Vlaanderen
http://www.cjsm.vlaanderen.be
Wet- en regelgeving Europese Unie
http://www.eur-lex.europa.eu
Europese Richtlijn 93/7 betreffende de teruggave van cultuurgoederen.
EEG Verordening 752/93 houdende uitvoerbepalingen betreffende de uitvoer van cultuurgoederen.
Wet- en regelgeving Nederland
http://wetten.overheid.nl
Archiefwet 1995
Het actueel houden van de minimale registratie van alle objecten waarvoor uw museum de (wettelijke) verantwoordelijkheid draagt. Dit omvat ook objecten in bruikleen, niet-geregistreerde of nog ongedocumenteerde objecten, tijdelijk gedeponeerde objecten en steuncollecties zoals bijvoorbeeld voor educatieve doeleinden.
topUw museum moet een beleid hebben inzake de inventariscontrole van objecten. Zie Voor u begint - Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?
Zorg dat de procedure Inventaris de volgende zaken regelt:
In de meeste musea is de voornaamste bron voor inventarisinformatie van reeds gedocumenteerde objecten het collectie-informatiesysteem, vooral als het een geautomatiseerd systeem betreft. In dit geval levert het apart bijhouden van een standplaatsregistratie weinig extra nut.
Inventarisinformatie van objecten die maar korte tijd aanwezig zijn of die nog niet geregistreerd zijn, is waarschijnlijk aanwezig in het inkomstformulier of het record inkomend object of het aanwinstenregister. Bij geautomatiseerde registratie moet de gebruikte software in staat zijn de belangrijkste inventarisinformatie te genereren en deze los van de volledige collectieregistratie en -documentatie te presenteren.
Wanneer een bestaande collectie retrospectief wordt geinventariseerd is het belangrijk van te voren de omvang van het project vast te stellen. Een groot inventarisatieproject heeft afhankelijk van de grootte van de collectie en de onvolkomenheden of manco's van de reeds bestaande inventarisinformatie belangrijke gevolgen voor beschikbare capaciteit en middelen. Een goed onderbouwd en zorgvuldig opgebouwd projectplan kan dit proces aanzienlijk vergemakkelijken. Houd rekening met:
Het is belangrijk dat de procedure voor het verplaatsen van objecten geïmplementeerd is voordat de inventariscontrole begint
om te voorkomen dat daarna objecten worden verplaatst zonder dit te registreren.
Zie 6 - Standplaats en verplaatsing
Aan objecten en ander materiaal kunnen rechten verbonden zijn, bijvoorbeeld het auteursrecht. Ook het verwerken van gegevens
is gebonden aan wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld de wetgeving met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens en
databanken. Houd in de procedure Inventaris rekening met deze rechten.
Zie 15 - Rechten
Het beleid van het museum inzake inventariscontrole moet de volgende punten omvatten:
1 |
Bestudeer eerst de paragraaf Voor u begint en zorg dat u:
|
2 |
Evalueer regelmatig en pas, indien noodzakelijk, dat deel van de handleiding aan dat de procedure Inventaris beschrijft. Veranderingen kunnen noodzakelijk zijn naar aanleiding van:
|
3 |
Geef duidelijk aan wie verantwoordelijk is voor het volledig toegankelijk en actueel houden van de inventarisinformatie. Zeker wanneer relevante data in verschillende systemen door verschillende medewerkers worden bijgehouden is dit van belang. |
4 |
Zorg dat voor elk object of elke groep van objecten de volgende inventarisinformatie beschikbaar is:
De vereiste inventarisinformatie komt overeen met de minimale registratie die van elk museaal object vereist is in het kader van het Erfgoeddecreet. Het vastleggen en bijhouden van deze informatie maakt deel uit van verschillende procedures. Vereiste informatiegroepen:
|
5 |
Maak de inventarisinformatie voor alle inkomende objecten zo snel mogelijk na binnenkomst in het museum aan. Dit begint gewoonlijk met het maken van een inkomstformulier of een record inkomend object. Idealiter zou deze informatie onmiddellijk moeten worden overgebracht naar het collectie-informatiesysteem, maar in de praktijk is dit vaak niet mogelijk. Als echter de procedure Inkomend object goed gehandhaafd wordt, is inventarisinformatie van recent in bewaring gegeven objecten in ieder geval altijd beschikbaar. |
6 |
Neem bij behoud van een object de gegevens onmiddellijk op in het aanwinstenregister, de bruikleenregistratie of de inventaris
van de steuncollectie. Het is niet verstandig in dergelijke registers wijzigingen in de objectgegevens aan te brengen. Als
er echter oponthoud wordt verwacht in het vastleggen van de gegevens in het collectie-informatiesysteem, dan kan de voorlopige
standplaats van het object in het van toepassing zijnde register worden opgenomen. |
7 |
Zodra er voor het object een record in het collectie-informatiesysteem wordt aangemaakt, zal daarin ook de inventarisinformatie
worden opgenomen. In geval van handmatige systemen, is het mogelijk dat aparte kaarten worden gebruikt voor de standplaatsregistratie.
In een geautomatiseerd systeem moet het mogelijk zijn om inventarisgegevens te ordenen naar standplaats om controle volgens de procedure Audit mogelijk te maken. |
8 |
Breng het objectnummer aan op het object zelf. Als dit onmogelijk of onwenselijk is, of als het slechts een tijdelijk nummer is (bijvoorbeeld een volgnummer), bevestig dan een label aan het object of zijn voetstuk/houder/steun. Het objectnummer dat is aangebracht op het object of daaraan is bevestigd, moet altijd op exact dezelfde wijze in de inventarisgegevens worden opgenomen. Wel kunnen in een geautomatiseerd systeem aanloopnullen worden toegevoegd. Wanneer een slecht nummeringsbeleid in het verleden inconsistente of onlogische nummers heeft opgeleverd, zullen die mogelijk zijn aangepast (bijvoorbeeld in plaats van alleen de laatste twee cijfers van het jaar van aanwinst, het volledige jaartal). Leg in dat geval de oorspronkelijke vorm van het nummer als oud objectnummer altijd in de inventarisinformatie vast. Voor meer details over het nummeren van objecten, zie Voor verdere informatie. |
9 |
Houd de inventarisinformatie altijd actueel en volledig. Werk de informatie daarom bij wanneer:
Het is een onderdeel van de controletaak om de inventaris te verifiëren. |
ASHBY, H., MCKENNA, G. en M. STIFF, Spectrum Knowledge. Standards for cultural information management, Cambridge (MDA), 2001.
BOLHUIS, J. van, en L. KUIJVENHOVEN, De wet van de grote en de wet van de kleine aantallen, in Erfgoedverhalen voor Charlotte van Rappard-Boon, o.l.v. H. PENNOCK, J. LEISTRA, T. de BOER e.a., Den Haag (Erfgoedinspectie), 2007, p. 94-97.
BORGHUIS, G. en N. CASSEE, MusIP voor conservering en registratie, in M. DE RIJKE, Musip: Eruit halen wat erin zit, Den Bosch (Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2005, p.43-45.
BOYLAN, P. (red.), Running a museum. A practical handbook, Parijs (ICOM/UNESCO), 2004.
DRIESSEN, P. en E. WESEMAEL, Standaarden voor de registratie van archeologische objecten in een museale context. Registratie en automatisering van museale collecties, 6, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
ELOY, A., Technische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 3, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2000.
EXTERBILLE, K., BORGHUIS, G. en J. VAN DER STARRE, Vlaamse collectiegegevens op het internet; behoefte aan een gefaseerde aanpak. Registratie en automatisering van museale collecties, 5, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
GAALMAN, A. en M. PRAGT, Handleiding bij het gebruik van de Art & Architecture Thesaurus, Amsterdam (Nederlandse Museumvereniging), 2000.
HENNEMAN, I. en F. HUYS, Hedendaagse kunst. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 1, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
HOLM, S., Facts and artefacts: How to document a museum collection, 2de uitg., Cambridge (MDA), 1998.
MONSIEUR, P., Archeologische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 2, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
Registratie stap voor stap: als een object het museum binnenkomt. CIDOC-richtlijnen, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), z.d. (1993).
VAN DOORSELAER, M., VERSTAPPEN, H., en S. LEMAN e.a., Collectiemanagement in de praktijk: het belang van registratie voor het informatiebeheer van uw collectie, Antwerpen (Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2007.
SMETS, L. (red.), VerzekerDe bewaring, Brussel – Antwerpen (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2000 - 2008.
Syllabus bij de basiscursus preventieve conservering, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002 (nieuwe uitgave in voorbereiding).
Syllabus bij de basiscursus registratie en documentatie, 3de herz. uitg., Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002.
topArt & Architecture Thesaurus
http://www.aat-ned.nl
Belgische wet- en regelgeving
http://www.belgielex.be
Archiefwet van 24 juni 1955, Decreet en Besluit privaatrechterlijke culturele Archiefwerking (2002); Archeologiedecreet (1993);
Algemene aannemingsvoorwaarden (1996); Decreet natuurbehoud (1997); Erfgoeddecreet (2004) - Erfgoedbesluit (2005) - Cultureel-erfgoeddecreet
in voorbereiding (2008).
Cidoc Fact sheet 1 registration
http://cidoc.mediahost.org/FactSheet1(en)(E1).xml
Cidoc Fact sheet 2 labelling
http://cidoc.mediahost.org/FactSheet2(en)(E1).xmlCidoc
Collections Link
http://www.collectionslink.org.uk/manage_information
Museums and Galleries Commission
Culturele Biografie Vlaanderen vzw
http://www.culturelebiografie.be
Factsheet: Het etiketteren en merken van objecten (CIDOC-richtlijnen)
Erfgoedcellen
http://www.erfgoednet.be
Erfgoedinspectie
http://www.erfgoedinspectie.nl
FARO, Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw
http://www.faronet.be
ICOM
http://www.icom.org
ICOM Nederland
http://www.icomnederland.nl
Instituut Collectie Nederland
http://www.icn.nl
Fact sheet nr.3, 2003: Het nummeren van museumvoorwerpen met schrijfstiften
Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium
http://www.kikirpa.be
MDA (huidige Collections Trust)
http://www.mda.org.uk
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media – Agentschap Kunsten en Erfgoed
http://www.wvg.vlaanderen.be/erfgoed
Voor de museale erkenning in Vlaanderen is in deze eerste versie van SPECTRUM-N uitgegaan van de tekst van het Erfgoeddecreet
van 2004. Een nieuw Cultureel-erfgoeddecreet (decreet houdende de ontwikkeling, de organisatie en de subsidiëring van het
Vlaams cultureel-erfgoedbeleid, waarin het Decreet op de Volkscultuur van 1998, het Archiefdecreet van 2002, en het Erfgoeddecreet
van 2004 zijn geïntegreerd) is momenteel in voorbereiding.
MovE
http://www.museuminzicht.be/public/musea_werk/invulboek
Handleiding bij digitale collectie- en objectregistratie.
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.nl
Ethische code voor musea, Ethische codecommissie voor musea, het Nederlandse Museumregister en SIMIN (Sectie Informatieverzorging
Musea in Nederland)
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.be
MusIP
http://www.musip.nl
Object ID
http://www.object-id.com
Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten
http://www.museumconsulent.nl
Vlaamse overheid. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media Vlaanderen
http://www.cjsm.vlaanderen.be
Wet- en regelgeving Nederland
http://wetten.overheid.nl
Het beheren en documenteren van informatie betreffende de huidige en de vroegere standplaats van alle objecten die aan het museum zijn toevertrouwd of in bezit van het museum zijn, zodat het museum ieder object te allen tijde kan vinden. Een standplaats is een specifieke locatie waar een object of groep objecten wordt tentoongesteld of opgeslagen.
topUw museum moet een beleid hebben inzake standplaats en verplaatsing van objecten.
Zie Voor u begint - Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?
Zorg dat de procedure voor het beheren en documenteren van standplaats en verplaatsingen de volgende zaken regelt:
Deze procedure waarborgt dat ieder object, onder de zorg van het museum, op ieder moment gevonden kan worden en dat er van iedere standplaats een adequaat overzicht (compleet en up-to-date) beschikbaar is waardoor audit en inventariscontrole mogelijk zijn. Daarom moet het museum van ieder object op ieder moment de juiste standplaats bijhouden, zolang het onder de verantwoordelijkheid van het museum valt. Gebruik de procedure elke keer wanneer een object wordt verplaatst, ongeacht de reden van verplaatsing.
De arbeids- en veiligheidsregelgeving is van belang bij het verplaatsen van objecten. In het algemeen identificeert de gedragscode van het museum mogelijke gevaren voor mensen en objecten en schrijft veilige praktijken voor, vereist voor het opbergen in depot en voor het hanteren van objecten. Dit gaat ook over het dragen van beschermende kleding bij verplaatsingen.
Denk hierbij steeds aan gerelateerde risico's en aan vereisten van relevante wetgeving en regelgeving, zoals:
De risicoanalyse dient rekening te houden met de bovengenoemde wetten en regelgeving. Leg de resultaten vast. De analyse dient volgende punten te omvatten:
Maak naast het risicorapport voor de hele collectie per object een aantekening in de collectieregistratie, die de volgende punten bevat:
Collectie-informatiesystemen en procedures moeten het vastleggen van al dit soort informatie bevorderen. Hierbij horen ook, indien van toepassing, de maten en het gewicht van het hele object en van de onderdelen daarvan. Raadpleeg deze documentatie steeds voordat een object verplaatst wordt.
Aan objecten en ander materiaal kunnen rechten verbonden zijn, bijvoorbeeld het auteursrecht. Ook het verwerken van gegevens
is gebonden aan wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld de wetgeving met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens en
databanken. Houd in de procedure Standplaats en verplaatsing rekening met deze rechten.
Zie 15 - Rechten
Alleen museummedewerkers die daartoe geautoriseerd zijn, mogen standplaatsgegevens of informatie over verplaatsingen wijzigen. Beveilig standplaatsgegevens zodat ze niet gewijzigd kunnen worden door onbevoegde personen.
Bepaal de fysieke en administratieve grenzen waarbinnen het museum verantwoordelijk is voor de verplaatsing van objecten.
Formuleer schriftelijk een beleid betreffende standplaatsbeheer en verplaatsingen. Dit beleid geeft de volgende details:
Bepaal hoelang een object op een bepaalde standplaats mag blijven zonder de standplaatsgegevens bij te werken. Bijvoorbeeld, tijdens de opbouw van een tentoonstelling kan een object verscheidene keren per dag binnen de tentoonstellingsruimte worden verplaatst. Of als het museum objecten ter beschikking van onderzoekers stelt, kan het beslissen iedere verplaatsing van objecten naar de studieruimte te registreren. Als basisprincipe geldt dat u een object buiten normale werktijd nooit onbeheerd mag achterlaten zonder de standplaatsgegevens bij te werken.
Noteer in het beleid alle vastgelegde verplaatsingen te bewaren, als 'controlespoor' voor de geschiedenis van het object.
Het beleid kan ook voorschrijven periodiek standplaatsgegevens te controleren en te verifiëren.
Zie 14 - Audit
1 |
Bestudeer eerst de paragraaf Voor u begint en let op dat u:
|
2 |
Evalueer het deel van de handleiding dat standplaats en verplaatsing van objecten beschrijft regelmatig en pas dit, indien nodig, aan. Veranderingen kunnen noodzakelijk zijn naar aanleiding van:
|
3 |
Geef een unieke naam of een uniek nummer aan elke standplaats voor tentoonstellingsruimten en depots. Detailleer die informatie voldoende om elk object precies te kunnen lokaliseren en, indien van toepassing, volgens een hiërarchisch systeem (bijvoorbeeld gebouw/zaal/kast) of classificatiesysteem (het kan voorkomen dat beide systemen gecombineerd worden, bijvoorbeeld depot kleine objecten/huishoudelijk/kookgerei). De mate van detail van standplaatsnotatie kan groter zijn voor kleinere objecten, bijvoorbeeld bij fossielen in een lade of brieven in een doos. Opmerking: Natuurwetenschappelijke en andere systematisch geordende collectiesVeel natuurwetenschappelijke collecties organiseren specimina volgens een classificatiesysteem. Dit geldt ook voor bijvoorbeeld prentencollecties en munten- en penningenkabinetten. Nieuw materiaal wordt dan aan het systeem toegevoegd op het betreffende punt in de classificatie. Dit heeft een domino-effect, aangezien grote aantallen objecten vaak naar nieuwe laden of bakken verplaatst worden om de volgorde te respecteren. In een collectie volop in ontwikkeling, moeten dus vaak honderden of zelfs duizenden objecten naar andere laden of kasten worden verplaatst. Het bijhouden van precieze standplaatsinformatie, bijvoorbeeld ladenummers, kan in die omstandigheden heel moeilijk zijn. Verantwoordelijken voor dit soort collecties zullen aanvoeren dat de classificatie zelf al voldoende informatie over de exacte
standplaats verschaft: elk object heeft immers een precieze plaats in die classificatie en kan dus makkelijk worden teruggevonden.
Een pragmatische oplossing dringt zich op. |
4 |
Creëer en onderhoud een gedetailleerde lijst van alle gebruikte standplaatsaanduidingen en de manier van registreren. Gebruik daarbij een geannoteerde plattegrond van tentoonstellingsruimten en depots. |
5 |
Vermeld waar noodzakelijk de volgende gegevens over elke standplaats:
|
6 |
Leg bij voorkeur de standplaats van een object slechts op één plaats vast ter bevordering van de consistentie en precisie. In de meeste gevallen is dat in het objectrecord in het geautomatiseerde collectie-informatiesysteem, maar in een handmatig systeem zou het ook een aparte standplaatskaart kunnen zijn. Soms zal vanuit het normaal gebruikte standplaatsrecord of de standplaatskaart verwezen moeten worden naar een ander overzicht van standplaatsen, bijvoorbeeld wanneer een object voor zeer korte tijd verplaatst wordt. Een voorbeeld hiervan is het gebruik van een 'dagboek' tijdens de voorbereiding van een tentoonstelling of een nieuwe presentatie. Noteer voor grote groepen van onderscheiden objecten die samen één standplaats krijgen, de standplaats van de gehele groep. Wanneer een object van die groep wordt gescheiden, moet daarvoor een apart standplaatsrecord worden aangemaakt. |
7 |
Vermeld bij voorkeur bij elke aan een object gekoppelde standplaats of het om de vaste of de tijdelijke standplaats gaat. In dat laatste geval moet ook een datum vermeld worden voor de terugkeer van het object naar zijn vaste standplaats. |
8 |
Zorg voor een autorisatie voor alle interne en externe verplaatsingen en registreer deze. In kleinere musea waar een beperkt aantal medewerkers verplaatsingen mag goedkeuren, volstaat een lijst van die museummedewerkers. Die lijst moet up-to-date zijn en bevat idealiter slechts twee of drie namen. Zie erop toe dat geen objecten worden verplaatst zonder dat een geautoriseerde museummedewerker op de hoogte is. Noteer een verwijzing naar de lijst. |
9 |
Controleer de conditie van het object vooraleer het te verplaatsen, om te bevestigen dat het in voldoende goede conditie verkeert
om te worden verplaatst. Bereid het object op de verplaatsing voor volgens de vereisten die voor dat objecttype gelden. Beoordeel of een geschikte standplaats beschikbaar is waarnaar het object kan worden verplaatst. |
10 |
In geval van demonteren van een object, documenteer nauwkeurig het proces voor overbrenging naar een andere standplaats. Beschrijf wat er precies is gedaan en waarom. Het is belangrijk dat u de wijze van monteren of demonteren noteert, ook omdat dit op zichzelf nuttige onderzoeksinformatie kan zijn. Beschrijf daarenboven ook elk alternatief nummeringssysteem dat wordt toegepast en licht toe. |
11 |
Let op specifieke veiligheidsvoorschriften en de te nemen maatregelen voor het verplaatsen van grote of moeilijk te hanteren objecten. |
12 |
Als het verplaatsen van het object transport vereist, ga dan naar de procedure Transport. |
13 |
Noteer de volgende informatie zodra een object wordt verplaatst:
Het is mogelijk dat bovenstaande informatie eerst op een apart verplaatsingsformulier wordt vastgelegd. Breng in dat geval de informatie zo snel mogelijk over naar de plaats in het collectie-informatiesysteem, waar de standplaats van objecten vastgelegd wordt. In kleinere musea kunt u de naam van de persoon die een object verplaatst op dezelfde manier behandelen als de naam van de persoon die de verplaatsing autoriseert, zoals beschreven in stap 8 hierboven. |
ASHBY, H., MCKENNA, G. en M. STIFF, Spectrum Knowledge. Standards for cultural information management, Cambridge (MDA), 2001.
BOTTERMAN, R., HEYLEN, R., SALIÈRES, R. en G. ELSEN (red.), Musea, risicobeheer en verzekeringen. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 10, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2002.
BOYLAN, P. (red.), Running a museum. A practical handbook, Parijs (ICOM/UNESCO), 2004.
DE RYNCK, P., Het transport van museale objecten: Hoe een offerte beoordelen en de service evalueren, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
DOUGHTY, Ph., The State and Status of Geology in UK Museums. Report on a survey conducted on behalf of the Geological Curators' Group. Geological Society, Miscellaneous, 13, Londen, 1982.
ELOY, A., Technische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 3, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2000.
GELDERS, L., PINTELON, L., VAN NIEUWENHUYSE, B., CLAES, P. en J. VITS, Sectoronderzoek en verbetering van de service in art handling en transport. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 4, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
HENNEMAN, I. en F. HUYS, Hedendaagse kunst. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 1, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
HOLM, S., Facts & Artefacts. How to document a museum collection, 10. Location records and movement control, 2de uitg., Cambridge (MDA), 1998.
MONSIEUR, P., Archeologische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 2, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
PAINE, C. (red.), Standards in the Museum Care of Larger and Working Objects. Museums and Galleries Commission, Londen, 1994.
Registratie stap voor stap: als een object het museum binnenkomt. CIDOC-richtlijnen, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), z.d. (1993).
SMETS, L. (red.), VerzekerDe bewaring, Brussel – Antwerpen (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2000 - 2008.
STERRE, M. van der, Het hanteren en intern transporteren van museale objecten, Amsterdam (Centraal Laboratorium voor Onderzoek van Voorwerpen van Kunst en Wetenschap), 1994.
Syllabus bij de basiscursus preventieve conservering, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002 (nieuwe uitgave in voorbereiding).
Syllabus bij de basiscursus registratie en documentatie, 3de herz. uitg., Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002.
topBelgische wet- en regelgeving
http://www.belgielex.be
Archiefwet van 24 juni 1955, Decreet en Besluit privaatrechterlijke culturele Archiefwerking (2002); Archeologiedecreet (1993);
Algemene aannemingsvoorwaarden (1996); Decreet natuurbehoud (1997); Erfgoeddecreet (2004) - Erfgoedbesluit (2005) - Cultureel-erfgoeddecreet
in voorbereiding (2008).
Collections Link
http://www.collectionslink.org.uk/manage_information
Museums and Galleries Commission
Culturele Biografie Vlaanderen vzw
http://www.culturelebiografie.be
Erfgoedcellen
http://www.erfgoednet.be
Erfgoedinspectie
http://www.erfgoedinspectie.nl
FARO, Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw
http://www.faronet.be
Federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
http://www.werk.belgie.be
Welzijn op het werk
ICOM
http://www.icom.org
ICOM Nederland
http://www.icomnederland.nl
Instituut Collectie Nederland
http://www.icn.nl
International Committee for Museum Documentation
http://www.icom.org/cidoc
Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium
http://www.kikirpa.be
MDA (huidige Collections Trust)
http://www.mda.org.uk
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media - Agentschap Kunsten en Erfgoed
http://www.wvg.vlaanderen.be/erfgoed
Voor de museale erkenning in Vlaanderen is in deze eerste versie van SPECTRUM-N uitgegaan van de tekst van het Erfgoeddecreet
van 2004. Een nieuw Cultureel-erfgoeddecreet (decreet houdende de ontwikkeling, de organisatie en de subsidiëring van het
Vlaams cultureel-erfgoedbeleid, waarin het Decreet op de Volkscultuur van 1998, het Archiefdecreet van 2002, en het Erfgoeddecreet
van 2004 zijn geïntegreerd) is momenteel in voorbereiding.
Museum Collections on the Move
http://www.museumcollectionsonthemove.org
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.be
Museumvereniging
http://www.museumvereniging.nl
Ethische code voor musea, Ethische codecommissie voor musea, het Nederlandse Museumregister en SIMIN (Sectie Informatieverzorging
Musea in Nederland)
Northern States Conservation Center
http://www.collectioncare.org
Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten
http://www.museumconsulent.nl
Vlaamse overheid. Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media Vlaanderen
http://www.cjsm.vlaanderen.be
Wet- en regelgeving Nederland
http://wetten.overheid.nl
Het beheren en documenteren van het transport van objecten waarvoor het museum geheel of gedeeltelijk verantwoordelijk is.
topUw museum moet een beleid hebben met betrekking tot het transport van objecten. Zie Voor u begint - Wat moet in uw beleid zijn vastgelegd?
Zorg dat de procedure voor het beheren en documenteren van het transport van objecten de volgende zaken regelt:
Ieder museum moet van tijd tot tijd objecten uit de collectie vervoeren. De redenen voor het transport kunnen zijn:
Het transport kan plaatsvinden:
De complexiteit van het transport hangt af van de aard van de collectie die vervoerd wordt, de reden van transport en het type reis.
Gebruik de procedure voor alle verplaatsingen, waarbij voertuigen gebruikt worden, ongeacht of die van het museum zelf of van derden zijn. Gebruik de procedure, indien van toepassing, in combinatie met andere procedures.
Aan objecten en ander materiaal kunnen rechten verbonden zijn, bijvoorbeeld het auteursrecht. Ook het verwerken van gegevens
is gebonden aan wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld de wetgeving met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens en
databanken. Houd in de procedure Transport rekening met deze rechten.
Zie 15 - Rechten
Het museumbeleid inzake transport van objecten uit de eigen collectie en objecten van derden, moet de volgende punten vastleggen op schrift:
1 |
Bestudeer eerst de paragraaf Voor u begint en let op dat u:
|
2 |
Evalueer regelmatig en pas, indien noodzakelijk, dat deel van de handleiding aan dat het transport van een object beschrijft. Veranderingen kunnen noodzakelijk zijn naar aanleiding van:
|
3 |
Voer het transport van objecten uit vanuit de procedure Standplaats en verplaatsing. Beslissingen met betrekking tot de verplaatsing van objecten kunnen alleen genomen worden door geautoriseerde personen met verantwoordelijkheid voor collectiebeheer. Het collectiebeleid moet deze verantwoordelijkheden vastleggen. |
4 |
Als de beslissing om de objecten te transporteren eenmaal is genomen, dan moet de persoon of afdeling die verantwoordelijk is voor de verdere afhandeling voorzien worden van de volgende informatie:
Noteer verwijzingen naar deze informatie. Opmerking: ObjectbeschrijvingDe verschafte informatie moet voldoende zijn om het object duidelijk te kunnen identificeren. Voor transport moet het object voorzien zijn van een:
Deze informatie is idealiter beschikbaar en gemakkelijk toegankelijk in het collectie-informatiesysteem van het museum. topAls het object niet gedocumenteerd is en het object zich niet in het museum bevindt, volg dan de procedure Voorbereiding inkomend
object of Inkomende bruikleen om het te documenteren en zijn verplaatsing te volgen. |
5 |
De verantwoordelijke voor het transport moet eventuele toegankelijkheidsproblemen bij zowel het ophalen als het afleveren in kaart brengen. Ook moet bekeken worden of hanteren door specialisten of met speciaal gereedschap vereist is. Spreek ten slotte de te volgen route af met alle betrokken partijen. |
6 |
Zorg voor de meest geschikte vorm van transport. Zaken die van invloed zijn op de beslissing zijn:
Opties omvatten: Openbaar vervoerHet kan adequaat en kosteneffectief zijn om objecten van geringe waarde per post, koerier of met het openbaar vervoer over te brengen. Het collectiebeleid van het museum en de voorwaarden voor verzekering/indemniteit kunnen de omstandigheden bepalen waarin voor deze methode wordt gekozen. topEigen vervoerDit omvat gebruik van voertuigen in eigendom van het museum of particuliere transportmiddelen van medewerkers. Het museumbeleid kan de omstandigheden bepalen waarin voor deze methode gekozen wordt. Afhankelijk van de vraag en de beschikbaarheid van voertuigen, kan er sprake zijn van een centraal reserveringssysteem. Volg de interne procedures van het museum om data te regelen voor ophalen en afleveren van objecten. topTransport geregeld door derden (bijvoorbeeld een transportbedrijf)Raadpleeg het museumbeleid over contracten met externe leveranciers en volg de vereiste stappen om te voldoen aan de financieel-administratieve procedures. Voorzie de transporteur van de volgende informatie:
Bij vervoer van of naar het buitenland is het transportbedrijf verantwoordelijk voor afhandeling bij de douane. Bezorg de transporteur de noodzakelijke vergunningen, waaronder CITES en beveiligingsbepalingen voor luchtvracht. Vraag de transporteur om bevestiging van het transport, samen met de volgende informatie:
Eenmaal bevestigd, stuur dan de details van de afspraken door naar de desbetreffende personen (bijvoorbeeld curator, conservator-restaurator, beveiligings- en depotmedewerkers). |
7 |
Zorg dat het object de conserveringsbehandeling krijgt die nodig is voor een veilige reis. |
8 |
Zorg dat het object, voordat het wordt verzonden, op de juiste wijze is verpakt ter bescherming tegen omgevingsveranderingen of trillingen tijdens het vervoer. In het geval van inkomende bruiklenen kunnen deze maatregelen getroffen worden door een derde partij. Maak nadere afspraken met de transporteur over de verpakking. Voor aanbevelingen over verpakking en verpakkingsmethodes, zie Voor verdere informatie. |
9 |
Regel de verzekering of indemniteit conform het museumbeleid. |
10 |
Verzamel de benodigde documentatie voor het transport en leg een verwijzing hiernaar vast. |
11 |
Controleer het transport van de objecten. Voor het transport van objecten tussen de diverse locaties van het museum, volg de procedure voor standplaats en verplaatsing.
Voor objecten die het terrein van het museum verlaten, volg de procedure voor uitgaande objecten. |
Algemene uitgangspunten voor de behandeling van bruiklenen en uitwisselingen tussen instellingen. Vertaling van General principles on the administration of loans and exchange of works of art between institutions, Antwerpen (Vlaamse Museumvereniging), 1997.
ASHBY, H., MCKENNA, G. en M. STIFF, Spectrum Knowledge. Standards for cultural information management, Cambridge (MDA), 2001.
BERNAUW, K., Transportverzekering, Antwerpen, 1997.
BOTTERMAN, R., HEYLEN, R., SALIÈRES, R. en G. ELSEN (red.), Musea, risicobeheer en verzekeringen. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 10, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2002.
BOYLAN, P. (red.), Running a museum. A practical handbook, Parijs (ICOM/UNESCO), 2004.
DE RYNCK, P., Het transport van museale objecten: Hoe een offerte beoordelen en de service evalueren, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
ELOY, A., Technische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 3, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2000.
GELDERS, L., PINTELON, L., VAN NIEUWENHUYSE, B., CLAES, P. en J. VITS, Sectoronderzoek en verbetering van de service in art handling en transport. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 4, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 2001.
HENNEMAN, I. en F. HUYS, Hedendaagse kunst. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 1, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
HOLM, S., Facts and artefacts: How to document a museum collection, 2de uitg., Cambridge (MDA), 1998.
Kunst op transport … onze zorg. Verslag van CL-symposium in Maastricht, Amsterdam, 1995.
MONSIEUR, P., Archeologische collecties. Beheer, conservatie en restauratie van museale collecties, 2, Brussel (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap), 1999.
MONTEYNE, N., Transportvoorbereiding, in SMETS, L. (red.), VerzekerDe bewaring, Brussel – Antwerpen (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2000 - 2008.
Museum Security and Protection. A Handbook for Cultural Heritage Institutions, London - New York (ICOM – Routledge), 1993.
PONET, F. en F. BOOGAERTS, Transportzakboekje 2007, Mechelen, 2007.
RUIJTER, M. de (red.), Kunst in huis, Amsterdam (ICN), 2007.
SMETS, L. (red.), VerzekerDe bewaring, Brussel – Antwerpen (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Culturele Biografie Vlaanderen vzw), 2000 - 2008.
STERRE, M. van der, Het hanteren en intern transporteren van museale objecten, Amsterdam (Centraal Laboratorium voor Onderzoek van Voorwerpen van Kunst en Wetenschap), 1994.
Syllabus bij de basiscursus preventieve conservering, Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002 (nieuwe uitgave in voorbereiding).
Syllabus bij de basiscursus registratie en documentatie, 3de herz. uitg., Amsterdam (Stichting Landelijk Contact van Museumconsulenten), 2002.
topBelgische wet- en regelgeving
http://www.belgielex.be
Archiefwet van 24 juni 1955, Decreet en Besluit privaatrechterlijke culturele Archiefwerking (2002); Archeologiedecreet (1993);
Algemene aannemingsvoorwaarden (1996); Decreet natuurbehoud (1997); Erfgoeddecreet (2004) - Erfgoedbesluit (2005) - Cultureel-erfgoeddecreet
in voorbereiding (2008).
Canadian Conservation Institute
http://www.cci-icc.gc.ca
Collections Link
http://www.collectionslink.org.uk/manage_information
Museums and Galleries Commission
Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora (CITES)
http://www.cites.org
Culturele Biografie Vlaanderen vzw
http://www.culturelebiografie.be
Erfgoedcellen
http://www.erfgoednet.be
Erfgoedinspectie
http://www.erfgoedinspectie.nl