Deze website draagt het AnySurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be.
Omkadering
In oktober 2003 begonnen de Musea stad Antwerpen, dienst Collectiebeleid / Behoud en Beheer, en de Erfgoedcel Antwerpen aan een studie over depots en depotwerking. Zij kregen hiervoor steun van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Het uitgangspunt was om in de lijn van het project “Erfgoedcampus / Erfgoeddepots in Vlaanderen” mee te werken aan een schets van de mogelijkheden en de problemen rond depotwerking in Vlaanderen. Het betreffende onderzoek spitst zich toe op de bewaartoestand van het erfgoed in de steden Antwerpen, Gent en Brugge. De studie wil nagaan of samenwerken rond deze thematiek wenselijk en mogelijk is. De nadruk komt daarbij te liggen op de organisatorische kant van een samenwerking in functie van een goede bewaring van erfgoed.
Depotwerking: een theoretische benadering voor de praktijk
Om een organisatie werkzaam te maken, moet men talrijke keuzes maken. Men kiest bijvoorbeeld welke de functies zijn die de organisatie volbrengt om een specifieke opdracht uit te voeren. Voor een depotwerking staat de bewaring van het erfgoed centraal en het voorkomen van risico’s voor de collecties.
Om dit te verwezenlijken moet men steunen op drie dragers: het personeel, de infrastructuur en de financiën. Dit alles brengt men samen in een rechtsvorm, die juridisch bepaalt wat een organisatie wel en niet mag doen.
Om tot een gezamenlijke depotwerking te komen, zoekt men uit welke erfgoedinstellingen kunnen deelnemen. Deze keuze is mede bepalend voor het erfgoed dat onder de hoede komt van de depotwerking. Aan elk collectiestuk zijn juridische aspecten verbonden. De selectie van erfgoed en de deelnemende instellingen beïnvloeden tevens het collectiebeleid dat de depotwerking voert.
Een toepassing van deze organisatorische facetten vindt u terug in het ontwerp van vijf modellen van een depotwerking.
De organisatorische thema’s komen eveneens voor in het veldonderzoek in Antwerpen, Gent en Brugge.
Het onderzoek naar de wenselijkheid en mogelijkheden van een depotwerking in Antwerpen, Gent en Brugge
Het onderzoek: de afbakening en de vraagstelling
De focus van het onderzoek lag op de steden Antwerpen, Gent en Brugge. De bevraging gebeurde onder de archiefinstellingen, OCMW’s, kerkfabrieken, musea en gemeentes.
Aan de hand van een enquête, focusgroepen en / of interviews werd een antwoord op de volgende kernvragen gezocht:
Bewaring van erfgoed: een waaier aan mogelijkheden
Er bestaat een grote diversiteit aan vragen en noden. Deze hangen af van verschillende factoren, waaronder:
Dit alles leidt er toe dat de werking rond het behoud en beheer in de instellingen niet overal op één niveau ligt. Men kan dan ook niet één depotwerking ontwikkelen die inspeelt op de vragen en noden van alle erfgoedbewaarders. Deze conclusie opent anderzijds vele perspectieven om de bewaring van het erfgoed te verbeteren.
De vragen steunen op het ontwerp van vijf modellen van samenwerking.
Vijf modellen van een gemeenschappelijke depotwerking
Om tot een depotwerking te komen, dient men een aantal organisatorische aspecten in overweging te nemen. Deze werden praktisch uitgewerkt in het ontwerp van vijf samenwerkingsmodellen van een gemeenschappelijke depotwerking.
Op basis van een keuze in de activiteiten rond bewaring, objectmaterialen en de lokalisatie van macht, komt men tot de volgende vijf modellen:
De modellen zijn opgebouwd rond een aantal organisatorische aspecten die terug komen in het theoretische luik van het onderzoek. Deze vijf ontwerpen leidden tot een aantal vragen die opgenomen werden in het veldonderzoek.
Het volledige rapport, plus alle onderdelen afzonderlijk, kan u nalezen op FAROnet.
Terug naar dossier bovenlokale depotwerking